Wetsvoorstel elektronische gegevensuitwisseling in de zorg: wat gaat dit betekenen voor (mond)zorgprofessionals?

Gezondheidsrecht de belangrijkste wetten

Het Wetsvoorstel elektronische gegevensuitwisseling in de zorg (‘Wegiz’) is enkele maanden geleden ingediend bij de Tweede Kamer. Met de inwerkingtreding van de Wegiz, wordt het voor zorgaanbieders verplicht om onderling elektronisch gegevens van patiënten uit de wisselen.

Het doel is om te voorkomen dat zorgaanbieders op allerlei verschillende manieren gegevens uitwisselen. Eén manier van uitwisseling (elektronisch) zou ten goede komen aan de zorgverlening. Maar wat houdt deze verplichting nu eigenlijk in? En hoe verhoudt de Wegiz zich tot andere wetgeving? In dit artikel wordt ingegaan op deze en andere vragen.

Reikwijdte

Allereerst is van belang om vast te stellen voor wie de Wegiz zal gaan gelden. De Wegiz zal, zoals het er nu naar uitziet, van toepassing zijn op ‘zorgaanbieders’ als bedoeld in de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (‘Wkkgz’) voor zover het gaat om uitwisseling van gegevens van cliënten. Dit betreft alle zorgaanbieders (instellingen en solistisch werkende zorgverleners) die zorg leveren in de zin van de Zorgverzekeringswet (‘Zvw’), Wet langdurige zorg (‘Wlz’) en die ‘andere zorg’ leveren. De zorgaanbieder is verantwoordelijk voor de naleving van de Wegiz. Mondzorgprofessionals vallen dus ook onder de reikwijdte van de Wegiz. De Wegiz ziet overigens niet op gegevensuitwisseling binnen de andere zorgdomeinen: Jeugdwet (‘Jw’) en Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (‘Wmo’).

Meer concreet en in de praktijk zal de Wegiz zien op gegevensuitwisselingen tussen zorgverleners. Zorgverleners zijn natuurlijke personen die beroepsmatig zorg verlenen. De juridische basis op basis waarvan de zorgverleners werkzaam zijn (arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht) is hierbij niet relevant. Overigens kan een zorgverlener zelf ook zorgaanbieder zijn, bijvoorbeeld bij solistisch werkende zorgverleners.

Verplichtingen

Concreet zal de Wegiz regelen dat uitwisseling van gegevens van patiënten tussen zorgverleners tenminste elektronisch moet plaatsvinden, dat wil zeggen via een computersysteem. De Wegiz is een zogenoemde kaderwet en de verplichtingen die daaruit volgen, zullen stapsgewijs door middel van ‘spoor 1’ en ‘spoor 2’ in werking treden. Een en ander zal in algemene maatregelen van bestuur (‘AMvB’s’) nader ingevuld worden. Hieronder worden deze twee sporen toegelicht, met bijbehorende verplichtingen / eisen.

1) Spoor 1

Aangewezen gegevensuitwisselingen

Bij AMvB zal vastgesteld moeten worden voor welke gegevensuitwisselingen deze verplichting gaat gelden. Dit wordt aangeduid als spoor 1. ‘Tenminste’ wijst erop dat het naast elektronische uitwisseling mogelijk blijft om op andere manieren gegevens uit te wisselen – zoals bijvoorbeeld telefonisch of mondeling – maar dat dit niet in plaats van de elektronische gegevensuitwisseling mag komen. De verplichting om elektronisch gegevens uit te wisselen, betekent daarnaast dat zorgaanbieders impliciet ook verplicht worden om gegevens van cliënten – waar de verplichting op ziet – elektronisch vast te leggen.

Eisen
Naast dat er bij spoor 1 bij AMvB vastgesteld wordt welke gegevensuitwisselingen elektronisch plaats dienen te vinden, kunnen ook bij AMvB bepaalde eisen worden gesteld zodat de uitwisseling ‘op functionele, technische of organisatorische wijze’ plaatsvindt.

2) Spoor 2

Spoor 2 houdt in dat er daarnaast bij AMvB eisen kunnen worden gesteld zodat specifieke gegevensuitwisselingen ‘op gestandaardiseerde wijze’ plaatsvinden, met gecertificeerde informatietechnologieproducten of -diensten. Deze producten / diensten dienen dan een certificaat te hebben (ten aanzien van bepaalde eisen). Concreet betekent dit dus dat er in spoor 2 eisen worden gesteld aan de ‘taal en techniek’ ten aanzien van de een aantal specifieke gegevensuitwisselingen. Dit brengt voor zorgaanbieders de verplichting met zich om voor die gegevensuitwisselingen, waarbij gecertificeerde informatietechnologieproducten of -diensten verplicht zijn gesteld, alleen gebruik te maken van gecertificeerde producten of diensten.

Deze eisen zullen in NEN-normen vastgelegd worden.

Doel

Het doel van de Wegiz is om de wijze van gegevensuitwisseling tussen zorgverleners te uniformeren, zodat niet iedereen een ‘andere taal spreekt’. Het idee is dat zorgverleners hierdoor (tijdig) de beschikking krijgen over adequate, actuele en uniforme gegevens over de cliënt wanneer dit nodig is. Dit zou ten goede moeten komen aan de zorgverlening en efficiëntie in dat kader. Zo wordt bijvoorbeeld gesteld dat een dergelijke eenduidige manier van uitwisselen kan voorkomen dat cliënten onnodige onderzoeken moeten ondergaan of dat er fouten worden gemaakt, omdat de juiste gegevens niet beschikbaar zijn.

Verhouding tot andere wetgeving

Van belang is wel dat de Wegiz niet regelt óf gegevens uitgewisseld mogen worden, maar alleen – indien de gegevensuitwisseling is toegestaan – op welke wijze de gegevensuitwisseling dient plaats te vinden (elektronisch). Dit betekent dat de Wegiz géén nieuwe grondslag of verplichting creëert om persoonsgegevens uit te wisselen. Gegevens kunnen alleen worden uitgewisseld tussen de zorgverleners, indien hiervoor een (wettelijke) grondslag aanwezig is, zoals op grond van de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (‘WGBO’) of de Algemene verordening gegevensbescherming (‘AVG’), en dit niet strijdig is met het medisch beroepsgeheim.

Zorgaanbieders / zorgverleners zullen dus nog steeds per concreet geval moeten nagaan of de gegevensuitwisseling is toegestaan (op grond van andere wetgeving) en zo ja, dient de Wegiz gevolgd te worden voor de wijze waarop de gegevensuitwisseling plaats dient te vinden. Dit doet dus ook niets af aan het opt-in vereiste, hetgeen betekent dat een cliënt ermee akkoord dient te gaan dat diens gegevens in een (elektronisch) systeem voor gegevensuitwisseling is opgenomen. Voor de Wegiz hoeft er overigens niet per definitie met een dergelijk systeem gewerkt te worden.

Status

De Wegiz is op 3 mei 2021 als wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer. Inmiddels heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel bekeken en daar diverse vragen over opgesteld, die door de Kamerleden zijn beantwoord. Deze antwoorden liggen nu weer bij de Tweede Kamer. Nadat de Tweede Kamer het wetsvoorstel heeft aangenomen, dient het nog aan de Eerste Kamer voorgelegd te worden. De Eerste Kamer zal het wetsvoorstel vervolgens moeten aannemen, alvorens deze in werking treedt. Dit betekent dus dat de tekst van het wetsvoorstel nog kan veranderen. Het was de bedoeling dat in de zomer al een compleet overzicht zou komen van de tijdpaden van gegevensuitwisselingen. Dit is echter niet gerealiseerd.

Er is wel een ‘Meerjarenagenda Wegiz’ ontwikkeld, waarin alvast is opgenomen welke gegevensuitwisselingen onder de Wegiz ‘prioriteit’ krijgen, zodat deze elektronisch moeten verlopen. Momenteel staan er 11 gegevensuitwisselingen op de voorlopige Meerjarenagenda Wegiz. 4 daarvan worden met voorrang uitgewerkt tot een wettelijke verplichting. Dit betreft: (i) Overdracht Basisgegevensset Zorg tussen MSZ-instellingen / Basisgegevensset Zorg, (ii) Uitwisseling van beeld en verslag tussen MSZ-instellingen / Beeldbeschikbaarheid, (iii) Verpleegkundige overdracht en (iv) Medicatieoverdracht (voorschrijven en ter hand stellen) / Digitaal receptenverkeer. Vooralsnog lijkt vooral de vierde soort gegevensuitwisselingen direct relevant te zijn voor de mondzorg.

Uit de Kamerbrief volgt dat naar verwachting de eerste spoor 2 aanwijzingen zullen plaatsvinden in 2022 (voor de Verpleegkundige Overdracht). Later zullen er aanwijzingen komen in 2024, in 2026 en 2027 voor de andere gegevensuitwisselingen. Het zal dus nog even duren voor de gegevensuitwisselingen daadwerkelijk verplicht elektronisch zullen moeten verlopen.

Door:
Nina Amini Abyaneh – www.eldermans-geerts.nl Advocaten | Zorgmakelaars | Juristen| Adviseurs in de zorg

 

Lees meer over: Ondernemen, Wet- en regelgeving