Nepnieuws en (online) gezondheidsvoorlichting

Het internet is voor patiënten een belangrijke bron om naar gezondheidsinformatie te zoeken. Hoewel het opzoeken van informatie via het internet kan leiden tot een hogere betrokkenheid bij het zorgproces en hogere therapietrouw, kan het zoekgedrag van de patiënt ook risico’s met zich brengen. Tegelijkertijd biedt het zoekgedrag ook kansen voor online gezondheidsvoorlichting (e-voorlichting).

Vaak verkrijgen patiënten online gezondheidsinformatie via sociale media (Facebook, Instagram, Whatsapp, YouTube, etc.). Op het internet circuleert mis- en desinformatie die nietsvermoedende lezers overtuigt dat het betrouwbare informatie is. Misinformatie betekent onjuiste informatie. Desinformatie, ook wel nepnieuws genoemd, is bedrieglijke schijninformatie die feiten al dan niet moedwillig verdraait of vervalst. Het wetenschappelijk bewijs ontbreekt voor deze beweringen of het bericht bevat quasiwetenschappelijke resultaten, zodat het nepnieuws betrouwbaarder lijkt.

Een voorbeeld van een bovenmatig veel gedeeld nepnieuwsbericht is dat fluoride schadelijk zou zijn. Deze misinformatie kan mensen overtuigen geen fluoridehoudende tandpasta meer aan te schaffen en over te stappen naar een natuurlijke tandpasta, met als gevolg dat het risico op tandbederf toeneemt.

Drijfveren nepnieuws

Het delen van nepnieuws kan een grap zijn, zoals het delen van grappige online nepnieuwsartikelen door de Spelt. Andere drijfveren om nepnieuws te verspreiden zijn de beïnvloeding van de publieke opinie, het verdienen van geld of het vergaren van extra volgers. Door het verspreiden van nepnieuws bezoeken meer mensen een website waarop het bericht te vinden is en zo worden door het toenemende aantal clicks advertentie-opbrengsten binnengehaald.

Digitale pandemie

Het sociale netwerk werkt als katalysator, doordat berichten en opvattingen snel van elkaar worden overgenomen, vaak onbewust van het feit dat het misinformatie betreft. Wanneer ‘influencers’ misinformatie via sociale media delen, en mensen het bericht citeren, retweeten of leuk vinden, kan dit leiden tot een zeer snelle verspreiding van incorrecte gezondheidsinformatie via het sociale netwerk, een zogenaamde digitale pandemie. Dit kan het vinden van correcte gezondheidsinformatie belemmeren.

Beoordelen van online gezondheidsinformatie

Veel patiënten zijn niet in staat om de online gezondheidsinformatie te beoordelen op betrouwbaarheid en kwaliteit. Het zoeken naar online gezondheidsinformatie vereist van patiënten een aantal vaardigheden, oftewel ‘e-health literacy’. Dit omvat het vermogen van een persoon om toegang te krijgen tot het internet, een computer en zoekmachines te gebruiken, een zoekstrategie te ontwikkelen en onderscheid te maken tussen informatie met een lage en hoge kwaliteit. De meeste patiënten veronderstellen dat de online gezondheidsinformatie van dezelfde kwaliteit of zelfs beter is dan de informatie verkregen van hun eigen zorgverlener. Bovendien interpreteren patiënten de online informatie vaak niet goed of begrijpen de teksten niet volledig. Dit heeft als gevolg dat patiënten op basis van deze verkregen informatie verkeerde gezondheidskeuzes kunnen maken. Zo kan een patiënt geneigd zijn om op basis van de online informatie zelf zijn diagnose te stellen en zijn eigen behandeling te bepalen, en hierdoor de juiste behandeling mislopen, weigeren of beëindigen.

Wat kan mondzorgverlener doen tegen misinformatie?

Het is daarom als mondzorgverlener van belang om patiënten te begeleiden in het opzoeken en interpreteren van gezondheidsinformatie, die vaak verwarrend of tegenstrijdig is. Een andere manier om de verspreiding van misinformatie tegen te gaan, is de online verspreiding van correcte gezondheidsinformatie (of de weerlegging van online desinformatie) door mondzorgverleners zelf, bijvoorbeeld via de praktijkwebsite of ‘influencers’. Als voorbeeld: op 23 januari 2019 publiceerde nu.nl een artikel waarin werd nagegaan of de bewering dat “tandenpoetsen met een fluoridetandpasta schadelijk is voor het menselijk lichaam” juist was. In dit artikel geeft Cor van Loveren, gepensioneerd hoogleraar preventieve tandheelkunde aan het ACTA, in een interview aan waarom deze informatie grotendeels onjuist is.

Met de praktijk of een groep zorgverleners kunt u een bijeenkomst organiseren waarin nepnieuws besproken wordt. Als voorbereiding krijgt elke deelnemer de opdracht online misinformatie te spotten. Tijdens de bijeenkomst wordt de misinformatie gedeeld, besproken en weerlegd. Hierdoor bent u op de hoogte van incorrecte online informatie en kan u uw patiënten beter in de stoel of online voorlichten.
Kortom, bestrijd online nepnieuws met ‘echt’ nieuws.

Door:
Dr. Janneke F. M. Scheerman, gezondheidswetenschapper en docent Mondzorgkunde, Hogeschool Inholland Amsterdam

Referenties
Lorenzo-Pouso, A. I., Pérez-Sayáns, M., Kujan, O., Castelo-Baz, P., Chamorro-Petronacci, C., García-García, A., & Blanco-Carrión, A. (2019). Patient-centered web-based information on oral lichen planus: Quality and readability. Medicina oral, patologia oral y cirugia bucal, 24(4), e461.
Valizadeh-Haghi, S., & Rahmatizadeh, S. (2018). eHealth literacy and general interest in using online Health information: a survey among patients with dental diseases. Online journal of public health informatics, 10(3): e219.

Lees meer over: E-health, Kennis/