Rechtszaak: Wat ging er mis na de overname van MC Dent?

Recht, uitspraak, mondzorg

In december 2025 deed de rechtbank uitspraak in de civiele zaak tussen tandartsketen Atlas Dental Care en Karel Tanka, voormalig praktijkhouder van MC Dent. Wat speelde er precies tussen de partijen, hoe oordeelde de rechtbank en welke lessen zijn er voor de mondzorgsector naar aanleiding van deze zaak?

In 2004 opende Tanka zijn praktijk MC Dent. Toen hij richting zijn pensioen wilde toewerken, besloot hij zijn praktijk te verkopen aan een partij die zijn vertrouwde manier van werken en de kwaliteit van mondzorg zou voortzetten. Na een zoektocht kwam hij uit bij Atlas Dental Care, een commerciële organisatie die eind 2019 werd opgericht. Volgens de eigen website bouwt deze tandartsketen aan een alliantie van tandartspraktijken en ondersteunt zij deze onder meer op administratief, financieel, juridisch en organisatorisch vlak.

Per 1 januari 2022 nam Atlas Dental Care de praktijk officieel over. Onderdeel van de afspraken was dat Tanka als zzp-tandarts aan de praktijk verbonden zou blijven, evenals zijn vrouw Alexandra Tanka-van Dijck, die ook een functie binnen de praktijk had en nu bij Atlas in dienst bleef op basis van een nieuwe arbeidsovereenkomst.

Moeizame samenwerking

In eerste instantie verliep de overname soepel, maar na verloop van tijd ontstonden er steeds meer spanningen die de samenwerking bemoeilijkten. Zo merkte Tanka dat zijn positie binnen de praktijk veranderde: patiënten werden bij hem weggehaald en hij kreeg minder behandelruimte. Daarnaast kwam zijn vrouw erachter dat er binnen de organisatie een intern dossier werd opgebouwd, waarin haar collega’s werden verzocht informatie over haar functioneren vast te leggen. Volgens haar gebeurde dit in het kader van een mogelijk ontslagtraject.

Aanpassingen in declaraties

Ook werd Tanka door een collega erop geattendeerd dat er mogelijk sprake zou zijn van fraude. Tanka ging zelf op onderzoek uit en zag dat declaraties die op vrijdag waren ingevoerd, op maandagen afwijkingen vertoonden. Wat bleek: in het weekend (toen de praktijk gesloten was) werd in het systeem ingelogd waarna tijden en behandelingen werden aangepast. Aangezien Tanka in die periode niet over een VPN-verbinding beschikte en niet vanuit huis kon inloggen, kon hij deze wijzigingen onmogelijk zelf hebben aangebracht. Hoewel deze vermoedelijke onregelmatigheden werden gemeld, schreef Atlas de verschillen in de declaraties toe aan een verouderd systeem, en volgens Tanka werden zijn kritische opmerkingen niet op prijs gesteld.

Ontslag

Naarmate de spanningen toenamen, besloot Atlas Dental Care in juli 2022 Tanka te ontslaan als tandarts. Tanka ziet dit ontslag als een bevestiging van een strategie die volgens hem vanaf het begin bestond. Volgens Atlas was het ontslag het gevolg van Tanka’s moeite om zich aan te passen aan veranderingen binnen de praktijk. Tanka bestrijdt dit echter en verklaart dat hij werd gedwongen instructies van Atlas op te volgen die niet waren vastgelegd in de koopovereenkomst.

Toen Tanka vervolgens elders in de mondzorg aan de slag ging, stelde Atlas dat dit een overtreding van het concurrentiebeding betrof: hij zou volgens hen binnen drie jaar en binnen een straal van 25 kilometer rond Breda niet mogen werken. Naar aanleiding daarvan eiste Atlas Dental Care een miljoenenboete.

Door deze ontwikkelingen kwamen ook de afspraken over de financiën en de overname onder druk te staan. Atlas weigerde de uitgestelde koopsom te betalen en bestempelde Tanka als ‘bad leaver’, waardoor hij volgens hen zijn rechten verloor. Daarnaast bleef betaling uit van twee maanden honorarium, terwijl ook het salaris van zijn vrouw gedurende negen maanden niet werd uitbetaald.

Als gevolg van deze escalatie startte Tanka een civiele procedure tegen Atlas Dental Care.

Vonnis

De zaak diende in september 2025 en op 17 december 2025 volgde de uitspraak. De rechter stelde Tanka volledig in het gelijk: Atlas Dental Care moet zowel de volledige resterende koopsom als de openstaande honoraria betalen. De door Atlas geëiste boete in verband met het concurrentiebeding werd niet bewezen geacht en komt te vervallen. Ook de door Atlas geëiste extra vergoeding, stellende dat Tanka informatie over de psychische gezondheid van zijn vrouw zou hebben verzwegen, bleek ongegrond. Atlas heeft hiervoor een rectificatie geschreven, waarin wordt bevestigd dat deze bewering onjuist was. Voor het echtpaar betekende de uitspraak vooral erkenning. “Het is een opluchting dat de rechter heeft bevestigd dat de afspraken nagekomen moeten worden. Het ging ons niet alleen om het geld, maar om rechtvaardigheid.”

Rechtbank: Vermeende fraude onvoldoende onderbouwd

De rechtbank constateert dat de vermeende fraude met declaraties onvoldoende is onderbouwd. Het aangevoerde bewijs, waaronder voorbeelden van opzettelijk veranderde behandelcodes en verhoogde declaraties, is onvoldoende weerlegd en biedt daarom geen grondslag voor de beschuldigingen. Bovendien gaat het om een beperkt aantal fouten, waarbij ook de mogelijkheid van onbedoelde vergissingen aanwezig is, zo staat beschreven in het vonnis.

Breder signaal aan de mondzorgsector

Het echtpaar geeft aan dat hun verhaal verder gaat dan hun eigen rechtszaak. Zij zeggen: “De vergrijzing van de sector zorgt ervoor dat steeds meer praktijken worden overgenomen door commerciële ketens en niet altijd verloopt dat zonder risico’s. Het gaat niet alleen om geld of contracten. Het gaat om zorg, vertrouwen en integriteit. Wij hebben jarenlang hard gewerkt om een praktijk op te bouwen die patiënten goede zorg biedt en zien hoe het na de overname is verlopen. Achteraf hadden we elk contract juridisch moeten laten toetsen. Dat raad ik iedereen aan. Je kunt te goeder trouw zijn, maar als je niet kritisch kijkt, kunnen afspraken alsnog onder druk komen te staan.”

“Hoewel de rechtbank oordeelde dat fraude met declaraties onvoldoende is komen vast te staan, roept de gang van zaken volgens Tanka wel vragen op over de manier waarop sommige commerciële ketens zijn ingericht. Vanuit zijn ervaring na de overname zag hij binnen de praktijk de nadruk steeds meer verschuiven naar financiële doelstellingen. In dat kader wijst hij op een valkuil bij dergelijke organisaties: de focus op rendement. “Het primaire doel zou altijd goede mondzorg moeten zijn. Zorg gaat boven opbrengst. Dat is de kern: een praktijk runnen voor patiënten, niet alleen voor cijfers.”

Hun boodschap is helder: integriteit en kwaliteit van zorg mogen nooit wijken voor financiële gewin, ook niet in een groeiende commerciële omgeving.

Lees hier het volledige vonnis

Interview met Karel Tanka en Alexandra Tanja-Van Dijck, door Ilona van der Werf.

 

Bekijk ook de video met interview van het tandartsechtpaar bij Eenvandaag

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Wat is je functie?

Lees meer over: Interview, Ondernemen, Opinie, Wet- en regelgeving