Paro & endo bacteriën en het belang van verantwoord antibiotica gebruik
De relatie tussen parodontitis en systemische ziekten is de afgelopen jaren steeds intensiever onderzocht. Daarbij is één ding belangrijk om te benadrukken: veel gevonden verbanden in klinische en epidemiologische studies zijn associaties, geen causale verbanden. Toch zijn er overtuigende aanwijzingen dat parodontitis een rol kan spelen in verschillende systemische processen.
Verslag van de lezing van dr. Adelina Plachokova, parodontoloog NVvP en universitair docent, en dr. Jaap ten Oever, internist-infectioloog en universitair hoofddocent persoonsgerichte antimicrobiële therapie tijdens het NVvP-NVvE-congres Dieper kijken.
Parodontitis: geen gewone ontsteking
Parodontitis is een complexe, multifactoriële ziekte waarbij een langdurige, laag graad systemische ontsteking aanwezig is. Wereldwijd komt parodontitis bij ongeveer 40–70% van de bevolking voor, waarbij 10% ernstige parodontitis heeft.
Er zijn 2 hoofdmechanismen die parodontitis koppelen aan systemische effecten:
- bacteriën (via bacteriemie)
- ontsteking
Van de pathogenen paro bacteriën wordt vooral Porphyromonas gingivalis (P.g.) uitgebreid onderzocht en speelt hierbij vaak een sleutelrol. P.g wordt ook bij endodontische infecties gevonden: bijv. bij primaire wortelkanaalinfecties, peri-apicale leasies en gecombineerde endo-paro leasies
Trained innate immunity: een nieuw concept
Traditioneel werd gedacht dat alleen T- en B-cellen geheugenvorming hebben. Nieuw onderzoek laat echter zien dat ook de aangeboren afweer (zoals macrofagen) een vorm van geheugen kan ontwikkelen na hun eerste contact met een bacterie of virus. Wanneer deze cellen opnieuw worden geactiveerd, kunnen ze overreageren (hyperrespons). Dit heet trained innate immunity. Uit eigen onderzoek blijkt dat P. gingivalis deze vorm van aangeleerde hyperreactiviteit in vitro kan induceren (Noz, Plachokova et al. 2021)
Microbioom en systemische effecten
Het microbioom in de pockets van ernstige parodontitis verschilt van dat in milde parodontitis. Het microbioom in de pockets en het speeksel is geassocieerd met systemische ontsteking (Plachokova et al. 2021).
PISA (Periodontal Inflamed Surface Area), gebaseerd op de oppervlakte van alle bloedende pockets, is een klinische maat voor de parodontale ontsteking. Dit oppervlak zit vol bacteriën en ontstekingsproducten en zou als een objectieve klinische indicator kunnen worden gebruikt voor de mogelijke systemische belasting.
Van mond naar darm
Parodontitis hangt samen met een betekenisvol verhoogd risico op colorectaal carcinoom (CRC). Het risico varieert per studie en populatie. Associatie blijft aanwezig ook na correctie voor gezamenlijke risicofactoren. Volgens de huidige hypothese voor associatie parodontitis en maag-darmziekten worden bacteriën uit de mond constant doorgeslikt of kunnen via de bloedbaan (bacteriemie) de darmen bereiken. In de darm zouden de mondbacteriën processen kunnen bevorderen die worden aangestoken door het darmmicrobioom, zoals darmdysbiose, chronische ontstekingen of zelfs bacteriële carcinogenese.
- Dit kan bijdragen aan aandoeningen zoals:
– colorectaal carcinoom
– inflammatory bowel disease (IBD)
Parodontitis: verhoogt het risico op darmkanker met 21%. Slokdarmkanker met 39%. Alvleesklierkanker met 35%
Een patiënt met ernstige parodontitis heeft een twee keer zo grote kans op CRC te krijgen vergeleken met een patiënt met milde of geen parodontitis. De kans is aanwezig, zelfs als de patiënt nooit heeft gerookt! CRC ontstaat ongeveer 14 jaar na de diagnose ernstige parodontitis.
P. gingivalis en systemische verspreiding
P.g. wordt op meerdere plekken in het lichaam teruggevonden, waaronder :
- hersenen bij Alzheimerpatiënten
- atherosclerotische plaquen bij /hart-vatziekte
- kniecapsulen bij patiënten met reumatoïde arthritis
Er is echter onzekerheid of P.g. steeds dezelfde rol heeft. Daarom gebruiken onderzoekers binnen de microbiële ethio-pathogenese het “driver-passenger-model:”
- “Drivers”:bacteriën die ziekte kunnen initiëren
- “Passengers” : bacteriën die aanwezig zijn maar niet per se ziekte veroorzaken
De rol van P.g. als “driver” of “passenger” is nog onduidelijk.
Fusobacterium nucleatum (Fn)
F. nucleatum (F.n.) is een opportunistische bacterie die voornamelijk in de mond voorkomt. Echter, het wordt ook vaak aangetroffen in colorectale tumoren, maar alleen in heel specifieke subtypen. F.n. is sterk geassocieerd met parodontitis, en uit onderzoek blijkt dat het ook voorkomt bij endoinfecties. We weten nog niet of het specifieke subtype van F. nucleatum dat bij CRC wordt gevonden, ook bij parodontitis en endoinfecties voorkomt. Dit wordt echter binnenkort onderzocht naar aanleiding van een klinische casus van een CRC-patiënt en informatie uit de literatuur.
Deze casus, waarbij CRC samen met ernstige parodontitis en ernstige endodontische infecties voorkomt, heeft aangetoond dat CRC zich inderdaad 14 jaar na de diagnose ernstige parodontitis kan ontwikkelen, en dat de endodontische infecties ook een tweede mogelijke bron voor F. nucleatum zouden kunnen zijn. Geïnspireerd door deze casus gaat het team van Dr. Plachokova, dat bestaat uit oncologen, microbiologen, pathologen, mondhygiënisten en epidemiologen, binnenkort een nieuw onderzoek opstarten in drie ziekenhuizen in de regio Nijmegen (CWZ, Boxmeer en Bernhoven), met het Radboudumc als coördinerend centrum, om F. nucleatum als orale biomarker voor CRC te bestuderen.
P.g. en F.n. zijn zowel paro- alsook endo bacteriën en zijn geassocieerd met ernstige ziekten. F.n. wordt gezien als een oncobacterium.
Klinische relevantie
De boodschap voor de clinicus:
Je ziet wat je weet – maar weet ook wat je níét ziet.
Dr. A.S.(Adelina) Plachokova is parodontoloog NVvP en universitair docent, verbonden aan het Radboudumc sinds 17 jaar. In 2008 is zij gepromoveerd op fundamenteel onderzoek naar biomaterialen voor botregeneratie, waarbij zij in 2013 een internationale onderzoeksprijs van de Osteology Foundation ontving. De laatste jaren richt zij zich op klinisch onderzoek, waarbij de associatie tussen parodontitis en systemische ziekten centraal staat, met het orale microbioom als mogelijke mechanistische link. In 2024 kreeg zij de wetenschapsprijs van VMTI voor het aanmoedigen van haar laatste onderzoek.
Dr. J. (Jaap) ten Oever is internist-infectioloog en universitair hoofddocent persoonsgerichte antimicrobiële therapie in het Radboudumc. Hij heeft zich toegelegd op veelvoorkomende infecties en ‘antimicrobial stewardship’. Daarnaast is hij differentiatieopleider infectieziekten binnen de opleiding tot internist. Hij is actief binnen de Stichting Werkgroep AntibioticaBeleid (SWAB) en is de voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Internist-Infectiologen (NVII).
Verslag door tandarts dr. G. Carina Boven MSc voor dentalinfo.nl van het NVvP–NVvE-congres Dieper Kijken.










