KNMT stapt naar de rechter om kostenonderzoek
De KNMT gaat in beroep tegen het besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) over de tandheelkundige tarieven voor 2026. Na een bezwaartraject rond het kostenonderzoek van ruim 10 maanden blijven op de punten die er voor praktijkhouders echt toe doen fundamentele vragen onbeantwoord. Die legt de KNMT voor aan het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
“Wij hebben het hele traject intensief meegedacht en concrete alternatieven aangedragen — onder meer over de waardering van praktijkovernames, over huisvestingskosten en over de manier waarop de arbeidsinzet van praktijkhouders wordt berekend. In de kern krijgen wij echter geen inhoudelijk weerwoord, maar steeds dezelfde mededeling: “Onvoldoende onderbouwd””, zegt de KNMT.
“Dat is geen antwoord op de zorgen die in de sector leven,” zegt KNMT-voorzitter Hans de Vries. “Vragen over de toekomst en de toegankelijkheid van de mondzorg blijven liggen. Daarom leggen wij ze voor aan de rechter.”
Veel ruimte vraagt om zorgvuldigheid
De wet geeft de NZa veel – volgens de KNMT te veel – ruimte om zelf te bepalen hoe zij tarieven berekent. Juist daarom is het des te belangrijker dat zij die ruimte zorgvuldig gebruikt en de belangen van de sector en praktijkhouders kenbaar meeweegt. “Wij vinden dat daar bij dit besluit te veel aan schort. Aan de grenzen die zelfs aan die ruime bevoegdheid zijn gesteld, mag een rechter de NZa houden – en dat is precies wat wij vragen.”
Beslissing op bezwaar orthodontie volgende week
Naast de bezwaarprocedure tegen de tandheelkundige tarieven voor 2026 loopt ook nog een zaak tegen de tarieven voor orthodontie. De NZa verwacht in de loop van volgende week te komen met de uitspraak in deze procedure.
Over het kostprijsonderzoek van de NZa
De NZa voerde in 2024 en 2025 een kostprijsonderzoek in de mondzorg uit. Daarin wilde de zorgautoriteit de gemiddelde kosten vaststellen die mondzorgpraktijken maken. De uitkomsten van dit onderzoek vormen, samen met een onderzoek naar een geactualiseerd norminkomen van praktijkhouders, de basis voor nieuwe maximumtarieven die tandartsen en orthodontisten sinds 1 januari 2026 mogen rekenen. De KNMT maakte samen met meer dan 4.600 praktijken bezwaar tegen de uitkomsten van het onderzoek en de tarieven die eruit voortvloeien bij de NZa. Nu de NZa na bijna een jaar de bezwaren van de hand heeft gewezen stapt de KNMT naar de rechter voor een bodemprocedure.









