Soft tissue management & esthetiek bij anterieure restauraties
Tony Rotondo, specialist in de prothetische tandheelkunde, nam ons mee in zijn veelzijdige manier van werken, waarin hij restauratieve behandelingen moeiteloos combineert met chirurgie. Hij gelooft in slow dentistry en kijkt bij elke behandeling vooral naar wat functioneel het beste is. Zijn werk levert prachtige resultaten op die zijn ervaring en talent laten zien.
Tijdens zijn lezingen vertelde Tony over het plannen van behandelingen met oog voor esthetiek en hoe belangrijk de samenwerking met de tandtechnicus daarbij is. Ook gaat hij in op de chirurgische ingrepen die soms nodig zijn, zoals kroonverlengen en tandvleesplastieken, en het werken met keramiek en composiet. Met inspirerende voorbeelden uit de praktijk laat hij zien hoe je een mooie balans kunt creëren tussen pink en white esthetics.
Lees hieronder het derde verslag van Tony Rotondo, specialist in de prothetische tandheelkunde, tijdens het NVVRT-congres.
Lees ook:
Het eerste verslag: Het plannen van behandeling op basis van het gelaat van de patiënt
Het tweede verslag: Tony Rotondo over de camerahoek en kleurbepaling foto’s
Soft Tissue Management & Esthetiek bij Anterieure Restauraties
Tijdens de lezing werd een probleemlijst besproken die vaak leidt tot suboptimale esthetische en functionele resultaten:
- Onjuiste identificatie van de klinische kroon
– Onvolledige beoordeling van actieve en passieve eruptie.
– Altered passive eruption blijft vaak onopgemerkt. - Onvoldoende mesio-distale tandbreedte voor esthetische aanpassingen.
- Onvoldoende visualisatie van ideale kroonvorm voorafgaand aan orthodontie.
- Onvoldoende evaluatie aan het einde van de orthodontische behandeling.
Oplossingen:
- Verbeterde diagnostiek
- Digitale workflow om vorm, proporties en gingivale contouren vooraf visueel te plannen.
Esthetiek in anterieure vaste prothetiek
Bij de beoordeling van anterieure esthetiek spelen de volgende factoren een centrale rol:
- Incisaal vlak, lengte en profiel
- Tandproporties (hoogte-breedteverhouding)
- Proportie tussen de tanden onderling
- Gingivale outline: symmetrie, zenith, hoogtes
Gingivale zenith
- Het hoogste punt van de gingivacontour ligt iets disto-buccaal van het midden van de klinische kroon.
- Bij jonge patiënten bevindt de gingivarand vaak op 50% van de kroonhoogte.
Dentogingivaal Complex
Samenstelling:
- Sulcus: 0,69 mm
- Epitheliale aanhechting: 0,97 mm
- Bindweefselaanhechting: 1,07 mm
De epitheliale aanhechting en bindweefselaanhechting vormen samen de biologische breedte, gemiddeld 2 mm.
Metingen
- Probing is variabel door drukverschillen.
- Bone sounding onder lokale anesthesie geeft een betrouwbaarder beeld.
Crestal types
- Normale crest
- Hoge crest
- Lage crest
Interdentale Papil: Groei & Hoogte
Studie 1
- 33 elementen zonder interdentaal botdefect.
- Na apicaal verplaatste flap: papil groeit binnen 3 jaar terug tot 4,3 mm boven het botniveau.
- Interproximale sulcusdiepte neemt toe tot 2,2 mm.
Studie 2 – Contactpunt en papil
Onderzoek van 288 sites toont de afstand van het contactpunt in relatie tot botniveau:
- 5 mm → 98% papil aanwezig
- 6 mm → 56%
- 7 mm → 27%
Ridge Augmentation
Technieken
-
Toevoegen van volume aan de kam
– Start met crestaal incisie, iets buccaal van middencrest.
– Full thickness flap is veilig.
– Partial thickness flap geeft betere doorbloeding en ligt verder van spieraanhechtingen. -
Connective tissue graft
– Ideale laag: lamina propria – de “gouden zone”.
– Herkomst: palatum (veiligste) of tuberositas (meer risico op necrose).
– Diepte: 12–14 mm lang, oppervlakkig zodat submucosa intact blijft.
Belangrijke aandachtspunten
- Graft moet geëpithelialiseerd zijn of correct verbonden; anders complicatiegevaar.
- Minimaal 14 dagen hechtingen laten zitten.
- Naburige tanden kunnen worden bedekt met acrylaat voor stabiliteit.
- Pontics moeten niet op het weefsel drukken.
Socket Preservation
Techniek: gebruik van een gecombineerd epitheliaal en subepitheliaal bindweefseltransplantaat voor sluiting en volumevergroting van het extractiegebied.
Ponticvormen
- Ridge lap
- Modified ridge lap
- Ovate pontic
Guiding Principles
Biologisch:
- Gezonde parodontale situatie
- Goed reinigbaar
- Geen voedselretentie
- Occlusale harmonie
Esthetisch:
- Witte esthetiek: overeenkomst met contralateraal element
- Roze esthetiek: overeenkomst in gingiva
Mechanisch:
- Duurzaamheid
Belangrijke parameters:
- Biologische ruimte: 1,5–2 mm
- Cleansability
- Positie bot t.o.v. zacht weefsel is bepalend voor ponticvorm
Klinische scenario’s bij ponticselectie
-
Bestaande ridge
– Stabiel
– 2–4 mm zacht weefsel
– Residuele botdeficiëntie -
Geaugmenteerde ridge
– Stabiel
– 4 mm zacht weefsel
– Gecorrigeerde defecten -
Immediate replacement
– Instabiel door extractie
– Weefsel drukt in de ruimte
Welke pontic wanneer?
- Ideaal bij >3 mm zachtweefselhoogte boven de ridge.
- Pontic mag niet in contact komen met bot.
- Horizontale botdefecten vragen om aangepaste vormgeving.
Verschillende klinische situaties
-
Volledig hersteld gebied
– Site development door weefselverwijdering.
-
Klein defect, één ontbrekend element
– Robuuste, eenvoudige ontwikkeling mogelijk.
-
Klein defect, meerdere ontbrekende elementen
– Voorzichtigere en complexere aanpak noodzakelijk.
Tony Rotondo is een erkend specialist in de prothetische tandheelkunde. Hij behaalde in 1984 zijn tandheelkundig diploma aan de University of Queensland en voltooide in 1996 een postdoctorale specialisatieopleiding in de prothetiek aan de University of California, Los Angeles (UCLA). Momenteel is hij werkzaam in Brisbane.
Verslag door Fabienne de Vries van de lezing van Tony Rotondo tijdens het NVVRT-congres.
Lees ook:
Het eerste verslag: Het plannen van behandeling op basis van het gelaat van de patiënt
Het tweede verslag: Tony Rotondo over de camerahoek en kleurbepaling foto’s










