intra-oraal scannen

Reconstructieve tandheelkunde en het gebruik van digitale workflows

Het ‘Digital Rehabilitation Concept’ (DRC) is een alomvattend behandelconcept dat gebruik maakt van digitale workflows in de reconstructieve tandheelkunde. Digitale foto- en videografie, intra-oraal scannen en softwarematig plannen maken hier onderdeel van uit.

De reconstructieve behandeling wordt binnen DRC opgedeeld in vier verschillende stappen; diagnostiek, planning, behandeling en nazorg. De mogelijkheden van DRC zijn oneindig en dit maakt voorspelbaar werken binnen een team eenvoudiger. Het concept kan zowel bij direct en indirect werken worden toegepast.

 Verslag van de lezing van Erik-Jan Muts, tandarts, gespecialiseerd in reconstructieve tandheelkunde en digitale technieken. In samenwerking met het CTM-UMCG is het DRC ontwikkeld, waarmee hij in 2013 de 3M Espertise Talent Awards heeft gewonnen.

 Het restauratieve vak is iets tijdelijks en niet zoals de natuur het bedacht heeft.

Restauratie cyclus

-> gezonde tand -> vulling -> kroon -> wortelkanaalbehandeling -> extractie -> implantaat

Prosthodontic tandarts is de ‘Healer’. Met behulp van een oude scan van de mond en een nieuwe scan van de huidige situatie kan het percentage van de slijtage worden berekend.

Er zijn steeds meer handige hulpmiddelen op de markt, zoals onder andere telefoon apps, waarmee de situatie goed uitgelegd kan worden aan de patiënt. Hierdoor kan het makkelijker worden gemaakt voor de patiënt om alles goed te begrijpen. Ook tools zoals een speekseltest kunnen gebruikt worden om de patiënt te laten zien wat de situatie is in de mond. Er wordt inzicht gecreëerd bij patiënt.

Speekseltest

Met behulp van een speekseltest kan gekeken worden naar:

  1. Wat de systemische invloed van speeksel is op de algehele gezondheid.
  2. Cariësrisico.
  3. Parorisico.

Probeer de boodschap naar de patiënt op een andere manier over te brengen dan het standaard tandheelkundige verhaal. Zo wordt het voor de patiënt leuker en makkelijker om het te blijven volgen. Onder andere fotografie is hierbij een belangrijke tool. Dit zorgt voor een goede reflectie naar de patiënt toe.

Digitale workflow

  1. Documenteren.
  2. Opwas/wax-up analoog of digitaal.
  3. Definitief uitvoeren: frezen van de restauraties en het cementeren.
  4. Nazorg.
  5. Beschermplaat.

Treatment planning

  • Digitale scan.
  • Risicoprofiel van de patiënt.
  • Foto’s

Behandelprotocol slijtage

  1. Documentatie: intake, informed consent, digital smile design (DSD) middels foto’s.
  2. Wax-up: analoog of digitaal.
  3. Mock-up: test drive met behulp van Protemp, twee tot vier weken testen door patiënt. Dit zorgt voor een functionele en esthetische controle. Het kan nuttig zijn om de patiënt te filmen en het filmmateriaal aan de patiënt te tonen. Dit maakt vaak meer indruk op de patiënt dan alleen een foto. Maak een video van voor en na de behandeling en met de mock-up. Zo kun je het beste zien wat het effect is van de behandeling.
  4. Overzetten van mock-up naar definitieve restauraties in de mond.
  5. Nazorg.
  6. Eventueel een beschermplaat.

Digital workflow: 4 stappen

De digital workflow verloopt in vier stappen. Het kan worden toegepast voor zowel een enkele vulling als voor een volledige rehabilitatie.

  1. Onderzoeken
    Documentatie, referentie analyse, scan en foto’s. Drie belangrijke foto’s zijn:
    1. Foto waarbij je het incisiefpunt kunt bepalen.
    2. Een met een volle lach.
    3. Een foto met een retracted smile.
  2. Design
    Met een DSD krijgt u het doel voor ogen en kunt u naar een gestreefd resultaat toewerken. Belangrijk is dat als DSD wordt gebruikt alle foto’s vanuit dezelfde inschietrichting zijn genomen om vertekeningen te voorkomen, wax-up en mock-up.
  3. Uitvoering
    Materiaal selectie, preparatie en scan, cementeren.
  4. Controle
    Functie, bescherming, documentatie.

Indien er een nieuwe beet wordt bepaald, deprogrammeer dan bij voorkeur eerst de patiënt met behulp van een beschermplaat. Dit zorgt voor een betere gewenning bij de nieuwe beet.

Materialen die gebruikt kunnen worden voor het vervaardigen van indirecte restauraties

CAD/CAM

  1. Keramieken: silica keramieken (lithiumdislicaat en lithiumsilicaat) en oxide keramieken
  2. Hybride keramieken: hybride keramiek en composiet keramiek
  3. Plastic: PMMA
  4. Metaal: metaallegering

Deze materialen zijn allemaal freesbaar en digitaal te verwerken.

Silica keramieken

Goed te cementeren en biocompatibele producten:

  1. E.max: lithiumdisilicaat. Pre-gekristalliseerd. Heeft een buigsterkte van 360 MPa. Kristalliseer pas na het frezen anders treden veel microcracks op.
  2. Vita Suprinity: lithiumsilicaat, dit is zirkonium versterkt. Het is pre-gekristalliseerd en heeft een buigsterkte van 420 MPa.
  3. Celtra Duo: lithiumsilicaat, gekristalliseerd en zirkonium versterkt. Het heeft een buigsterkte van 370 MPa.

Hybride composiet keramieken

  1. Lava Ultimate: composiet resin versterkt met silica en zirkonium nanopartikels en zirkonia/silica nanoclusters.
  2. Cerasmart: composiet resin versterkt met silica en barium glas nanopartikels.
  3. HC Block: composiet resin versterkt met silicapoeder, zirkonium silica.
  4. Brilliant Crios: composiet resin versterkt met barium glas en silica partikels.

Lithiumdisilicaat heeft grotere kristallen dan lithiumsilicaat en zirkonium waardoor het beter te frezen en nauwkeuriger is en betere opalucentie en translucentie-eigenschappen heeft.

Hybride keramiek moet eerst geëtst worden. Composietkeramiek hoeft niet van tevoren geëtst te worden. Composiet is slijtvaster gemaakt door onder andere zirkonium deeltjes.

Het materiaal wat gebruikt wordt, is ook belangrijk voor de pasvorm van het eindproduct. Niet alleen de freesmachine heeft hierop invloed.

Erik-Jan Muts voltooide in 2013 zijn studie tandheelkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen en is sindsdien zelfstandig werkzaam bij MP3 Tandartsen te Apeldoorn. Hij heeft ruim 2 jaar gewerkt bij Beekmans Tandartsen te Laren. Daarnaast is hij bestuurslid van de Dutch Academy of Esthetic Dentistry (DAED) en zit hij in de Raad van Raadgevers voor de ANT. In zijn laatste master jaar volgde Erik-Jan een stage voor Restauratieve Tandheelkunde bij PRO-Rotterdam, waar hij een voorliefde heeft ontwikkeld voor reconstructieve tandheelkunde en digitale technieken. In samenwerking met het CTM-UMCG is het DRC ontwikkeld, waarmee hij in 2013 de 3M Espertise Talent Awards heeft gewonnen. Zijn artikel “Tooth wear: A systematic review of treatment options” ontving in 2015 de Glen P. McGivney Scientific Writing Award voor systematische reviews. 

Verslag door Nika van Koolwijk, tandarts, voor dental INFO van de lezing van Erik-Jan Muts tijdens het congres Tandheelkunde aan de Maas.

Lees meer over: Congresverslagen, Kennis, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Taak voor mondhygiënist om onderliggende ziektes in beeld te brengen

Taak voor mondhygiënist om onderliggende ziektes in beeld te brengen

Parodontitis kan mede veroorzaakt worden door een andere, ernstige ziekte. Er moet daarom altijd onderzocht worden waarom een patiënt parodontitis ontwikkeld heeft. Wijnand Teeuw gaf tijdens de themadag Up-to-date van Quality Practice Mondhygiëne inzicht in de factoren die een rol kunnen spelen bij het ontstaan van parodontitis. Hij lichtte een en ander toe aan de hand van twee afbeeldingen: een vraagteken en een volumeknop.

Het vraagteken: waarom parodontitis?

Bij een patiënt met parodontitis moet je nagaan waarom hij parodontitis heeft ontwikkeld. “Als je niet weet waarom iemand parodontitis heeft, vind ik dat je niet mag behandelen,” aldus Teeuw. Dus niet routinematig aan de slag gaan, maar bij iedere patiënt opnieuw deze vraag stellen. Overigens geldt voor cariës hetzelfde. Alleen heeft parodontitis directere gevolgen voor de gezondheid. Als je de vraag ‘waarom’ niet stelt, dan wordt de behandeling te simpel. Er wordt dan enkel plak verwijderd, omdat voorheen gedacht werd dat dit de enige oorzaak was.

De volumeknop: er moet balans zijn

Als een auto hard rijdt, moet de volumeknop verder opengedraaid worden om de radio nog goed te horen. Als de radio goed te horen is, is er balans. Als de volumeknop ver open staat terwijl de auto niet zo hard rijdt, dan is er een disbalans, want dan staat de radio vreselijk hard.

Bij disbalans in het lichaam kan parodontitis ontstaan. Bij iedere patiënt werkt dit anders. Bij de een moet er harder aan de volumeknop worden gedraaid voor balans of disbalans dan bij de ander.

Als een patiënt weinig tot geen afweer heeft, dan is er disbalans. De meerderheid van patiënten met parodontitis heeft een afwijkend afweer. Als duidelijk is wát aan die volumeknop draait, dan kan de behandeling daarop aangepast worden. Alle factoren die de balans kunnen verstoren, zullen in beeld moeten worden gebracht voordat een behandeling gestart kan worden. Als de oorzaak niet volledig bekend is, kan je de oorzaak of bron niet aanpakken.

Factoren voor disbalans

Er zijn naast de biofilm meerdere factoren die bepalen of iemand in balans of disbalans is. Sinds de jaren 80 is de invloed van omgeving, leefstijl en genetica bekend. Daarnaast speelt ‘epigenetica’ een rol: een drager van een verkeerd gen hoeft er niet per se last van te hebben. Wat leefstijl betreft: hier leren we nog steeds over bij. Ook wordt rekening gehouden met de invloed van systemische ziekten en andere minder bekende factoren, zoals overbelasting.

De factoren kunnen ook elkaar beïnvloeden. Zo heeft een lichamelijke ziekte vaak consequenties voor de leefstijl of andersom. En menig ziekte kan stress veroorzaken en maakt medicijngebruik nodig. Dit kan parodontitis in de hand werken.

Ziekten van invloed op parodontitis

Inmiddels worden meer dan 50 lichamelijke ziekten geassocieerd met parodontitis, zoals kanker, reuma, luchtweginfecties en hart- en vaatziekten. Zeker als een patiënt meerdere van deze ziekten heeft, neemt het risico op parodontitis toe. Een patiënt kan bij verschillende artsen voor verschillende ziekten behandeld worden, terwijl ze allemaal door dezelfde factoren veroorzaakt kunnen worden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan roken of een bepaald eetpatroon.

Intake parodontitispatiënt

Om alle factoren helder in beeld te krijgen zal een intake bij een parodontitispatiënt veel tijd in beslag nemen. Bij verdenking van onderliggende lichamelijke factoren, zoals stress, diabetes mellitus, reumatoïde artritis etc., zal gezocht moeten worden naar interdisciplinaire samenwerking.

Teeuw geeft van een aantal ziekten aan hoe zij van invloed zijn op het ontstaan van parodontitis.

Kanker

Bij iemand met kanker is de aanname dat alleen een chirurgische behandeling in de mondholte niet direct invloed heeft op het ontstaan van parodontitis. Lokale bestraling kan daarentegen de botstructuur en de doorbloeding zodanig beïnvloeden dat het een zeer progressieve parodontitis in de hand werkt. De vermindering van de afweer duurt waarschijnlijk het hele leven. Ondersteuning met antibiotica voor de parodontitisbehandeling kan daarom nodig zijn. Bij chemo valt de afweer een periode weg, maar is weer snel terug. Patiënten zijn vaak wel chronisch vermoeid na en tijdens de chemokuur. Daarom zal er overleg moeten plaatsvinden met de oncoloog. Vraag hoe het met de afweer op dat moment is.

Reuma

Reumatische artritis is een auto-immuunziekte, waarbij voornamelijk de gewrichten worden aangetast. Bij reumapatiënten is de lichamelijke ontsteking verhoogd en staat de volumeknop te hard, de afweer is te hoog. Hierdoor is de kans op parodontitis verhoogd. Medicatie bij reumapatiënten is er juist opgericht om de ontstekingsgraad te doen verminderen. Er zijn studies die een indicatie geven dat deze medicatie soms daarom ook beschermend tegen parodontitis kan werken. Het tegendeel is ook aangetoond, dat soms door de medicatie het immuunsysteem zo onderdrukt wordt dat de kans op secundaire infecties, zoals parodontitis, juist verhoogd is. Bij deze medicatie is het ook goed om er op te letten dat door de bacteriemie, die altijd ontstaat na een  parodontale behandeling, de kans op sepsis verhoogd is. Bij sommige reumapatiënten is het daarom beter de medicatie stop te zetten voordat ze een parodontitisbehandeling ondergaan. Een goede interdisciplinaire behandeling met een reumatoloog is dan noodzakelijk.

Diabetes

Diabetes mellitus is een chronische ziekte, waarbij de suikerregulatie verstoord is, met als gevolg vaak te hoge bloedsuikerwaarden. Door te hoge bloedsuikerwaarden raken verschillende organen, maar ook vitale processen ontregeld, die betrokken zijn bij het onderhoud van het hart- en vaatstelsel, de wondgenezing en de afweer tegen infecties. Op langere termijn ontstaan vooral complicaties op het gebied van HVZ. Vanwege de verhoogde kans op infecties en de slechte wondgenezing, wordt parodontitis twee tot drie keer vaker gediagnosticeerd bij diabetespatiënten. Een goede bloedsuikerregulatie is  belangrijk voor het bereiken van een gezonde parodontale situatie. De suikerregulatie draait bij 1:1 aan de volumeknop voor parodontitis. Een goede instelling bereiken is dus essentieel, ook voor de mond. Ook hier geldt dat een interdisciplinaire behandeling met een diabetesbehandelaar belangrijk is.

Verborgen ziekte

Als niet duidelijk is hoe parodontitis wordt veroorzaakt, kan het nodig zijn om een patiënt te verwijzen naar de huisarts om te laten uitzoeken of er sprake is van een nog onbekende onderliggende ziekte. Zo is uit onderzoek op ACTA gebleken dat 25% van de mensen met ernstige parodontitis ook al bloedsuikerwaarden hadden die wijzen op de aanwezigheid van diabetes mellitus. Ongeveer 20% van deze mensen was hiervan niet op de hoogte. Hieruit kan geconcludeerd worden dat parodontitis mogelijk een vroege aanwijzing is voor het hebben van diabetes mellitus. Mondhygiënisten kunnen daarom mogelijk bijdragen aan het vroegtijdig signaleren van onderliggende ziekten, zoals diabetes mellitus.

Wijnand J. Teeuw, parodontoloog NVvP, behaalde in 2003 zijn doctoraaldiploma Biologie aan de Universiteit Utrecht met als afstudeerrichting Fundamentele Biomedische Wetenschappen (FBMW). In 2006 studeerde hij als tandarts af aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA) waaraan hij sinds die tijd verbonden is aan de sectie Parodondologie. Van 2009 t/m 2012 volgde hij aldaar de MSc-opleiding tot parodontoloog, welke hij cum laude heeft afgerond. Sinds 2015 is hij hoofd van de Kliniek voor Parodontologie ACTA. In 2017 promoveerde hij op de relatie tussen parodontitis en de algemene gezondheid, in het bijzonder diabetes mellitus en hart- en vaatziekten.

Verslag door Lieneke Steverink-Jorna, mondhygiënist, voor dental INFO van de lezing van Wijnand Teeuw tijdens de themadag van Quality Practice Mondhygiëne.

Lees meer over: Mondhygiëne, Parodontologie, Thema A-Z
Gepubliceerd artikel mondhygiënisten Voorlichting over mondzorg tijdens kinderfestival werkt

Gepubliceerd artikel mondhygiënisten: Voorlichting over mondzorg tijdens kinderfestival werkt

In Annual Clinical Journal of Dental Health van The British Society of Dental Hygiene and Therapy is onlangs een artikel gepubliceerd van Yvonne Buunk-Werkhoven, Kristina Takrovskaja en Lieneke Steverink-Jorna. Hierin beschrijven zij hun onderzoek naar de invloed van voorlichting over mondzorg tijdens het kinderfestival Kidsfabriek.

Kidsfabriek

Kidsfabriek is een jaarlijks terugkerend gratis kinderfestival in Ulft. Sinds 2014 wordt hieraan ook deelgenomen door een aantal mondhygiënisten met het doel om op een leuke manier kinderen bewust te maken van het belang van een goede mondhygiëne. Dit blijkt een groot succes te zijn, de kinderen zijn erg enthousiast over de poetsles en andere mondzorgactiviteiten.

In 2015 en 2016 hebben Yvonne Buunk-Werkhoven en Lieneke Steverink-Jorna tijdens Kidsfabriek kinderen en hun ouders ondervraagd over onder andere hun poetsgedrag. Dit vormde de basis voor het nu gepubliceerde onderzoek.

Onderzoek

Doel van het onderzoek was het bepalen van de invloed van promotie van mondgezondheid tijdens een openbaar speel- en leerevenement op de mondhygiëne van kinderen en hun ouders.

Tijdens Kidsfabriek 2015 zijn aan 74 bezoekende ouders enquêteformulieren uitgereikt met vragen over mondzorg. Zij kregen de vragen voordat hun kinderen een workshop tandenpoetsen volgden.
Een jaar later zijn tijdens Kidsfabriek 2016 108 kinderen geïnterviewd nadat zij een interactieve workshop tandenpoetsen – gegeven door mondhygiënisten – volgden.

Resultaten 2015

Uit het onderzoek van 2015 kwam naar voren dat 18 van de geënquêteerde ouders (27,3%), met een middelbaar tot hoger opleidingsniveau, nog nooit een mondhygiënist had bezocht. 26 ouders (39,4%) gaven aan dat ze nooit poetsinstructies voor hun kinderen hadden gekregen van een mondzorgprofessional. 33 ouders (50%) poetsten de tanden van hun kinderen twee keer per dag. 11 respondenten (16,7%) gaven aan dat ze probeerden het eten van tussendoortjes door hun kinderen te beperken.

Resultaten 2016

Tijdens Kidsfabriek 2016 werd door twee derde van de kinderen enthousiast op de tandenpoetsworkshop gereageerd.

Uit vragen over de sociaaleconomische achtergrond van de ouders bleek dat 70 ouders (64,8%) een gemiddeld gezinsinkomen hadden en 28 (25,9%) een bovengemiddeld inkomen.

Een derde van de volwassen respondenten had nooit een mondhygiënist bezocht, 27 ouders (25%) bleken dat wel te willen. De geïnterviewde kinderen gaven veelal aan hun mondzorg te willen verbeteren en het snoepen en drinken van zoete drankjes te willen verminderen.

Conclusie

Uit dit onderzoek kan geconcludeerd worden dat deelname aan een evenement zoals de Kidsfabriek de kennis over mondhygiëne van kinderen en hun ouders kan vergroten en kinderen en ouders kan aanmoedigen om de mondzorg thuis te verbeteren.

Lees het gehele onderzoek Voorlichting over mondzorg tijdens kinderfestival werkt

Lees meer over: Communicatie patiënt, Kennis, Mondhygiëne, Thema A-Z
beker - prijs

Henry Schein voor 7e keer gekozen als een van world’s most ethical companies

Henry Schein is door het Ethisphere Institute, een wereldwijd leider bij het formuleren en stimuleren van normen voor ethisch ondernemen, gekozen als een van de World’s Most Ethical Companies van 2018.

Dit is het zevende achtereenvolgende jaar dat Henry Schein is erkend en als enige uit de branche voor gezondheidsproducten.

In 2018 waren er 135 winnaars uit 23 landen en 57 branches. De twaalfde editie heeft winnaars die van recordniveau waren wat betreft betrokkenheid bij hun stakeholders en gemeenschappen over de hele wereld. Het beoordelen en verbeteren van cultuur, toonaangevende authenticiteit en inzet voor transparantie, diversiteit en betrokkenheid waren allemaal prioriteiten voor de winnaars.

Vereerd

“Wij zijn bij Henry Schein vereerd dat we voor de zevende keer gekozen zijn als een van de World’s Most Ethical Companies en dit jaar als enige winnaar in de branche voor gezondheidsproducten. Het onderstreept onze betrokkenheid om onze verantwoordelijkheid als maatschappelijk verantwoorde onderneming te nemen door iets terug te doen voor de beroepen en gemeenschappen waaraan we leveren”, aldus Stanley M. Bergman, Chairman of the Board en Chief Executive Officer van Henry Schein. “Sinds onze oprichting in 1932 hebben we het ideaal van ‘doing well by doing good’ nagestreefd, en blijven we standvastig in het geloof dat grote successen behaald kunnen worden door in te gaan op behoeften van de maatschappij, door onszelf de hoogste ethische normen op te leggen en door ons voortdurende succes uit te breiden op een basis van vertrouwen en teamwork.”

Gezondheidszorg in achtergestelde gemeenschappen

“Terwijl de dialoog in 2017 wereldwijd drastisch is veranderd, ontstond er ook een sterker geluid. Wereldwijde ondernemingen die werken met een gemeenschappelijke regelgeving zijn nu de drijvende kracht in de maatschappij om omstandigheden voor mensen te verbeteren. Dit jaar zagen we dat ondernemingen steeds vaker hun eigen geluid wisten te vinden. Met name de World’s Most Ethical Companies lieten voorbeeldig leiderschap zien, ” legt Ethisphere’s CEO Timothy Erblich, uit. “Henry Schein had in het bijzonder een krachtige boodschap voor meer toegang tot gezondheidszorg in achtergestelde gemeenschappen over de hele wereld, en ik feliciteer Team Schein van harte als een van de World’s Most Ethical Companies.”

Ethiek & prestaties

De World’s Most Ethical Companies van 2018 laten nog maar een keer zien dat werken met integriteit leidt tot betere financiële prestaties. Onderzoek heeft aangetoond dat, indien geïndexeerd, winnaars van World’s Most Ethical Companies gedurende vijf jaar met 10,72 procent en gedurende drie jaar met 4,88 procent beter presteerden dan de Amerikaanse Large Cap index. Ethisphere noemt dit Ethics Premium.

Methode & scores

De beoordeling van de World’s Most Ethical Companies is gebaseerd op het kader voor de Ethis Quotient® (EQ) van het Ethisphere Institute, een kwantitatieve methode om de prestaties van een onderneming op een objectieve, consistente en gestandaardiseerde manier te meten. De verzamelde gegevens bieden een integraal overzicht van criteria voor kerncompetenties in plaats van alle aspecten van corporate governance, risico, duurzaamheid, compliance en ethiek.

Er worden scores toegekend in vijf categorieën: ethiek en nalevingsprogramma (35%), maatschappelijk verantwoord ondernemen & verantwoordelijkheid (20%), cultuur van ethiek (20%), bestuursstructuur (15%) alsmede leiderschap, innovatie en reputatie (10%). Alle ondernemingen die meedoen aan dit beoordelingsproces ontvangen hun scores, waardoor ze een waardevol inzicht krijgen in hoe ze het doen ten opzichte van toonaangevende organisaties.

Winnaars

De beste praktijken en ervaringen van de winnaars van 2018 wordt in maart en april van dit jaar gepubliceerd in de vorm van een rapport en webcast.

 

Lees meer over: Markttrends, Thema A-Z
Speeksel peptide voor betere implantaat integratie

Speeksel peptide voor betere implantaat integratie

Een peptide die te vinden is in het speeksel zou de oplossing kunnen zijn om implantaten sneller te laten integreren met de omliggende cellen. Onderzoekers vonden uit dat cellen in de mondholte die werden blootgesteld aan deze specifieke peptiden zich makkelijker aan titanium aanpasten dan de cellen die niet met de peptiden in aanraking kwamen.

Hoofdonderzoekster Irene van Dijk, PhD aan het Academisch Medisch Centrum Amsterdam presenteerde de resultaten van haar onderzoek op de International Association for Dental Research (IADR) in San Francisco.

Barrière tegen ontstekingen

Om een implantaat succesvol te laten zijn moeten omliggende cellen zo snel mogelijk integreren met het implantaat, om zo een barrière tegen ontstekingen te creëren. Om die reden zijn veel onderzoekers geïnteresseerd in nieuwe mogelijkheden om dit integratieproces sneller te laten verlopen.

Mondholte cellen

Van Dijk en haar collega’s bevonden in een eerder onderzoek al dat menselijke mondholte cellen die worden blootgesteld aan Hst1 zich snel hechtten aan glas. Deze realisatie deed hun inzien dat dit ook wel eens het geval zou kunnen zijn voor implantaten, waarna zij een soortgelijk onderzoek deden naar hoe Hst1 zich hechtte aan titanium, het materiaal dat meestal wordt gebruikt voor implantaten.

Significant verschil

Hiervoor werden de cellen op schijven met een titanium coating geplaatst, waarna Hst1 werd toegevoegd aan de helft van deze schijven om vervolgens drie uur te wachten. Het experiment werd telkens drie keer herhaald. De schijven waar Hst1 aan toe was gevoegd bleken twee keer zo goed te zijn gehecht aan de schijven dan die zonder Hst1.

Verder onderzoek

De significantie van het verschil verraste Van Dijk. Het onderzoek is echter nog in een vroeg stadium, en het begrip van de relatie tussen Hst1 en implantaatintegratie is nog beperkt. De uitkomsten van dit onderzoek waren echter zo veelbelovend dat plannen voor verder onderzoek al in ontwikkeling zijn.

Bron:
DrBicuspid

Lees meer over: Implantologie, Thema A-Z
Bandje voor minder koordweerstand

Bandje voor minder koordweerstand

CordEze is een pols- of armbandje dat de weerstand van het koord van een handstuk, ultrasonic scaler of air polisher kan verminderen in het gebruik. Een Amerikaanse mondhygiënist ontwikkelde het product.

Makkelijker gebruik van koord-instrumenten

Door gebruik te maken van een bandje zoals CordEze wordt de omgang met alle koorden soepeler en wordt het makkelijker om vrij te bewegen en zo alle macht over de instrumenten te behouden.

Comfortabel

Het bandje is gemaakt van zacht materiaal dat comfortabel om de arm zit. Er zijn drie verschillende kleuren beschikbaar en de maat van het bandje kan naar wens worden aangepast.

Bron:
CordEze.com

Lees meer over: Mondhygiëne, Thema A-Z
Huppelend naar de mondhygiënist: blog op website ministerie van VWS

Huppelend naar de mondhygiënist: blog op website ministerie van VWS

Onlangs verscheen het tweede blog van mondhygiënist Lieneke Steverink op de website van het ministerie van VWS. In dit blog vertelt ze over hoe belangrijk het is dat kinderen regelmatig naar de mondhygiënist gaan.

Ze vertelt onder andere over het evenement Kidsfabriek waar kinderen een gratis tandenpoetsworkshop kunnen volgen, over de aanwezigheid van de Stichting Goed Gebekt op de Huishoudsbeurs en de videobril die ze aanschafte om kinderen in haar behandelstoel af te kunnen leiden.

Lees het blog op de website van het ministerie van VWS

 

 

Lees meer over: Communicatie patiënt, Kennis, Kindertandheelkunde, Thema A-Z
16 mei: European Gum Health Day

16 mei: European Gum Health Day

Op 16 mei vindt de European Gum Health Day plaats, een internationale dag om bij het publiek het bewustzijn van tandvleesaandoeningen te vergroten. Dit jaar krijgen alle parodontologen, tandartsen en mondhygiënisten in Nederland het verzoek om aandacht te besteden aan deze dag. Hoe kunt u dat doen? 

De European Gum Health Day is een initiatief vanuit de European Federation for Periodontology (EFP) en wordt in 2018 voor de vijfde keer georganiseerd. ‘Health begins with healthy gums’ is de bijbehorende slogan, die treffend de visie van de EFP – ‘Periodontal health for a better life’ – omvat. Met deze dag proberen we onder de bevolking meer bewustzijn te bereiken voor parodontale gezondheid en ontsteking, de daarmee gepaard gaande gezondheidsrisico’s en de mogelijkheden van preventie en behandeling. Daartoe maken we reclame via (social) media, bieden we gratis screening aan en geven we informatie over de staat van het tandvlees. Vele nationale verenigingen binnen Europa nemen deel aan European Gum Health Day 2018, waaronder uiteraard ook de Nederlandse Vereniging voor Parodontologie (NVvP).

Een extra spreekuur in uw praktijk

Dit jaar krijgen alle parodontologen, tandartsen en mondhygiënisten in Nederland het verzoek om aandacht te besteden aan deze dag. Het idee hierbij is dat u in uw praktijk een speciaal spreekuur houdt, waarbij mensen een gratis screening van het tandvlees krijgen – via de DPSI-screening – en informatie ontvangen over tandvlees en gingivitis/parodontitis.

U kunt zelf bepalen op welk moment van de dag u een spreekuur wilt houden en hoe lang dit zal duren. Ter ondersteuning ontvangt u promotiemateriaal plus informatie die u aan patiënten kunt meegeven. Op de website van de NVvP worden per praktijk het tijdstip van het spreekuur en de gegevens van de betreffende praktijk aangegeven.

Screening in de Mobiele Praktijk van Defensie

Maar dat is niet alles! Dit jaar heeft Defensie de Mobiele Tandheelkundige Praktijk, een echte tandartsbus, beschikbaar gesteld voor de European Gum Health Day. Deze bus wordt op 16 mei op een strategische locatie in Nederland geplaatst, zodat langslopend publiek de bus kan betreden voor nadere informatie plus een screening van zijn/haar tandvlees.

Meer informatie en aanmelden

Inschrijven voor de European Gum Health Day kan snel en eenvoudig via de website www.nvvp.org.

 

Lees meer over: Mondhygiëne, Thema A-Z
mondkanker

Amerikaanse beroepsvereniging tandartsen AGD focust op mondkanker

Nieuw in de missie van het Amerikaanse Academy of General Dentistry (AGD) fonds is om tandartsen betere mogelijkheden te geven voor het verbeteren van de algemene mondgezondheid, door middel van het promoten van mondkanker bewustzijn, preventie van risico factoren en het trainen van tandartsen in het diagnosticeren van mondkanker.

48,000 nieuwe patiënten

De American Cancer Society schat in dat in 2016 maar liefst 48,000 mensen met mondkanker zijn gediagnosticeerd. Slechts 57 procent van de patiënten die recentelijk zijn gediagnosticeerd met mondkanker zullen naar schatting over vijf jaar nog leven.

Risicofactoren en HPV

Factoren die het risico op mondkanker verhogen zijn roken, overmatig alcohol gebruik en de seksueel overdraagbare aandoening HPV. Uit recent onderzoek gebleken is dat op dit moment maar liefst 23 procent van de Amerikanen in de leeftijdscategorie van 18 tot en met 59 jaar een vorm van HPV heeft, waardoor zij hoog risico lopen op verschillende vormen van kanker, waaronder mondkanker.

Preventieve maatregelen

Mondkanker is lastig op te merken in vroege stadia, waardoor de ziekte vaak pas laat kan worden gediagnosticeerd. Mede daarom is het dan ook van immens belang dat meer mensen zich algemeen bewust worden van de preventieve maatregelen en gevolgen van mondkanker. Zo zou iedereen moeten weten dat simpele dingen als regelmatig poetsen, flossen en het regelmatig bezoeken van de tandarts een goede eerste stap zijn bij het voorkomen van mondkanker.

Bron:
Academy of General Dentistry Case Statement

Lees meer over: Medisch | Tandheelkundig, Thema A-Z
Uitzending RTL Z Doe maar duurzaam over procesverloop tandtechniek

Uitzending RTL Z Doe maar duurzaam over procesverloop tandtechniek

Alles over het procesverloop rondom tandtechniek is zondag 18 februari te zien in de uitzending medische innovaties van Doe maar duurzaam. Torsten Schwafert, Jacqueline Koster en Patrick Oosterwijk van Elysee Dental zijn dan aan het woord.

State-of-the-art oplossing voor iedere individuele patiënt

Met de ruime keuze die er is op het gebied van tandtechniek heeft de tandarts de mogelijkheid om de juiste zorg voor elke individuele patiënt te bieden. Hierbij is het belangrijk dat de tandarts ondersteunt wordt door een tandtechnische partner die de mogelijkheden, kennis én capaciteit heeft om state-of-the-art producten en oplossingen te leveren. Zowel de patiënt als de tandarts dienen in dit proces centraal te staan. In de uitzending van Doe maar duurzaam vertellen Torsten Schwafert, Jacqueline Koster en Patrick Oosterwijk hoe dit proces eruit ziet.

Doe maar duurzaam

Doe maar duurzaam is een informatief RTL Z-programma over diverse ontwikkelingen en innovaties binnen de duurzaamheidsbranche. Dit kan variëren van Energie tot Duurzaam Ondernemen en van Milieu tot Bouw. Doe Maar Duurzaam is het totaalplaatje van verschillende duurzaamheidsaspecten om mensen bewust te maken.

Uitzending Doe maar duurzaam bij RTL Z: Zondag 18 februari 17.00 uur

De herhaling is te zien op maandag 19 februari om 7.30 uur, woensdag 21 februari om 10.30 uur, Vrijdag 23 februari om 13.05 uur en zaterdag 24 februari om 16.30 uur.

Lees meer over: Duurzaamheid, Ondernemen, Restauratie, Tandprothese | techniek, Thema A-Z
ANT sluiten zich aan bij rechtszaak tegen tabaksindustrie

ANT en KNMT sluiten zich aan bij rechtszaak tegen tabaksindustrie

Ook de ANT en KNMT scharen zich namens alle tandartsen achter de aangifte van advocaat Bénédicte Ficq tegen de tabaksindustrie.

Strafrechtadvocate Ficq deed in 2016 namens een aantal maatschappelijke organisaties en patiënten aangifte tegen de tabaksindustrie. Onlangs sloten kinderartsen, instellingen in de verslavingszorg,  medische centra en de huisartsen (NHG, LHV en InEen) zich bij de aangifte aan.

Ernstige gevolgen van roken

“Een duidelijke boodschap van alle tandartsen in Nederland om een einde toe te roepen aan de kwalijke invloed van deze gezondheid ondermijnende sector. Tandartsen worden in de dagelijkse praktijk regelmatig als eerste geconfronteerd met de ernstige gevolgen van roken: verlies van tanden en kiezen door ernstige tandvleesontstekingen, verlies van implantaten en vergeelde en zwarte tanden, daarnaast zien tandartsen regelmatig het ontstaan van mond en keelkanker”, zegt de ANT. De ANT vindt dat het nu “voor eens en voor altijd afgelopen moet zijn met het verslaafd maken van de Nederlandse jeugd en overige gebruikers”.

KNMT voorzitter Wolter Brands: “De tandarts ziet dagelijks bij rokende patiënten de nare gevolgen van tabak. Roken leidt tot ernstige tandvleesontstekingen, het verlies van tanden en is verantwoordelijk voor 75% van de gevallen van mond- en keelkanker.” De KNMT is partner in de Alliantie Nederland Rookvrij!, een actief netwerk dat staat voor een rookvrij Nederland, waar niemand meer (over)lijdt aan de gevolgen van roken.

 

 

 

 

 

Lees meer over: Medisch | Tandheelkundig, Thema A-Z
Wereldwijde markt restauratieve tandheelkunde $25,9 miljard waard in 2025

Wereldwijde markt restauratieve tandheelkunde $25,9 miljard waard in 2025

Naar verwachting zal de markt voor restauratieve tandheelkunde groeien tot maar liefst 25,9 miljard dollar wereldwijd voor 2025. Deze cijfers verschenen in een rapport dat werd gepubliceerd in Grand View Research.

Groeiend aantal tandartspraktijken

Een van de belangrijkste redenen van de sterkte groei zou volgens het rapport het groeiende aantal tandartspraktijken zijn. Andere redenen voor de verwachte groei zijn de groei in digitale tandheelkunde en een groeiende vraag vanuit patiënten voor cosmetische behandelingen.

Meer ruimte voor competitie

“De groei van de globale markt voor implantaten is welkom nieuws voor zowel tandartsen als patiënten,” aldus Guy Hiscott, redacteur van Implant Dentistry Today. “Een groeiende markt betekent meer ruimte voor competitie, wat gelijk staat aan meer innovatie, lagere kosten en een beter begrip van hoe tandimplantaten passen bij de moderne en geavanceerde tandheelkunde die vandaag de dag bestaat.”

Grootste groei in Aziatisch-Pacifische regio

De afgelopen jaren heeft Europa de markt voor restauratieve tandheelkunde gedomineerd. De meeste belangrijke fabrikanten op dit gebied zijn hier dan ook gevestigd. Verwacht wordt dat de grootste groei in de markt zal plaatsvinden in de Aziatisch-Pacifische regio, vanwege de groeiende populatie en het grote aantal nieuwe tandartspraktijken, maar ook vanwege het toenemen van bewustzijn over de behandelingsmogelijkheden.

Innovatieve blik

De groei van de wereldwijde markt voor restauratieve tandheelkunde stipt ook een behoefte aan meer leveranciers en fabrikanten aan. Dit is noodzakelijk om met een innovatieve blik op de groei in de markt te kijken, en deze ontwikkeling te zien als een kans om met zijn allen de implantaat tandheelkunde vooruit te brengen. Op deze manier zal iedereen de voordelen van de groei in de restauratieve tandheelkunde kunnen ondervinden.

Bron:
Grand View Research

Lees meer over: Markttrends, Thema A-Z
Neuspeuteren goed voor gebit

Neus peuteren goed voor gebit?

Het was volop in de media: het bericht dat in je neus peuteren en het opeten van snotjes gezond zou zijn en met name je mondgezondheid ten goede zou komen. Is dit werkelijk het geval?

Vraagtekens

Er waren nogal wat deskundigen die hun vraagtekens zetten bij het gezondheidseffect van het opeten van snotjes. Bron van dit bericht was het onderzoek van Harvard University, waaruit zou zijn gebleken dat het opeten van snotjes uit de neus de tanden zou beschermen en het immuunsysteem versterken.

Wat kwam uit het onderzoek?

Slijm vormt samen met de huid en tranen de eerste verdedigingslinie tegen binnendringende ziektekiemen. Volgens het onderzoek van Harvard University zou zijn gebleken dat bepaalde eiwitten in slijm, zogenaamde speekselmucines, tanden beschermen tegen de bacterie Streptococcus mutans. Deze bacterie is verantwoordelijk voor het veroorzaken van gaatjes. De speekselmucines zouden voorkomen dat de bacteriën zich aan tanden hechten en een zuur afscheiden, dat door het glazuur van de tand boort. Het is wellicht mogelijk om op basis van deze bevindingen een synthetische stof te ontwikkelen en deze ter bescherming van het gebit aan tandpasta of kauwgum toe te voegen.

Snotjes

Of het opeten van snotjes op deze manier kan bijdragen aan de mondgezondheid, is maar de vraag. In het onderzoek werd dat niet genoemd. Ook zonder het opeten van snotjes slikken we slijm met speekselmucines door.

Bron:
Applied and Environment Biology
Een Vandaag

Lees meer over: Medisch | Tandheelkundig, Thema A-Z
ACTA benoemt twee nieuwe hoogleraren

ACTA benoemt twee nieuwe hoogleraren

Het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA) van de Universiteit van Amsterdam (UvA) heeft per 1 januari twee nieuwe hoogleraren benoemt. Corine Visscher promoveerde tot hoogleraar Orofaciale Fysiotherapie en Marja Laine tot hoogleraar Orale Diagnostiek.

Kaak- en nekklachten

Corine Visscher is orofaciaal fysiotherapeut en epidemioloog. Ze promoveerde in 2000 aan de UvA met onderzoek dat zich focust op temporomandibulaire dysfunctie (kaakgewrichtsklachten) en nekklachten. Tot 1 januari 2018 werkte Visscher als universitair hoofddocent en voorzitter van de sectie Orale kinesiologie bij ACTA. Na deze datum is ze opleidingsdirecteur van deze master geworden.

Parodontitis

Marja Laine verwierf haar tandartsdiploma aan de Universiteit van Helsinki, Finland. Ze promoveerde tevens in 2000, aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU), op onderzoek dat zich concentreerde op microbiologische en genetische factoren bij parodontitis. Vóór haar huidige functie was Laine universitair hoofddocent bij de sub-sectie Parodontologie van ACTA.

Focus

In haar huidige functie als hoogleraar gaat Visscher zich focussen op zowel de diagnostiek als de behandeling van spier- en gewrichtsaandoeningen van het kauwstelsel en de nek. Laine gaat zich richten op de biologie, diagnostiek en behandelingen van ademgeur en mondvloeistoffen en hun relatie met parodontitis.

Dr. Johanna Westerdijk

In Nederland was dr. Johanna Westerdijk de eerste vrouwelijke hoogleraar. Zij werd op 10 februari 1917 benoemd. Dit jubileum gaf reden voor het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om in 2017 extra geld vrij te stellen en de NWO Johanna Westerdijk Talentimpuls het leven in te roepen. Met het NWO kregen Nederlandse universiteiten mogelijkheid om talentvolle vrouwelijke wetenschappers voor te dragen. Zowel Visscher als Laine zijn na deze aanbeveling in hun huidige functie geplaatst.

 

Bron: acta.nl

Lees meer over: Carrière, Thema A-Z
Verzekeraars richten vanaf begin 2018 controlevizier op mondzorg

Verzekeraars richten vanaf begin 2018 controlevizier op mondzorg

Zorgverzekeraars hebben de bevoegdheid en de plicht formele en materiële controles uit te voeren. Meerdere verzekeraars hebben eind 2017 al aangekondigd grootschalige controles te gaan uitvoeren in de mondzorg. Vanaf begin 2018 worden mondzorgprofessionals met twee specifieke controles geconfronteerd: declaratie van de prestatie C22 (aanvullende medische anamnese) en samenloop van declaraties Zvw en Wlz-zorg. Enkele zaken om rekening mee te houden, indien u met deze controles wordt geconfronteerd.

Controle naar prestatie C22

Wat houdt de prestatie in?

De prestatie C22 betreft de aanvullende medische anamnese na (schriftelijke) routinevragen. De tariefbeschikking van de NZa bepaalt dat deze uitsluitend in rekening kan worden gebracht als er, na het stellen van de normale routinevragen, meer medische informatie nodig is over een patiënt. C22 omvat de bespreking met de patiënt en zonodig overleg met diens huisarts of specialist.

Controle door de NZa en de verzekeraars

De NZa heeft in 2017 bij achttien tandartspraktijken gecontroleerd of deze praktijken C22 op de juiste wijze declareerden. Volgens de NZa brachten veertien van die praktijken onterecht kosten in rekening. De controle door de NZa is voor verschillende zorgverzekeraars, waaronder CZ, aanleiding om zelf onderzoek te doen naar deze prestatiecode bij mondzorgaanbieders. Doel van deze controles is volgens de verzekeraars ongepast gebruik te detecteren en onterechte declaraties te voorkomen. Dat laatste duidt erop dat de verzekeraars van zins zijn tot terugvordering over te gaan, indien de controle daar aanleiding voor geeft. Inmiddels zijn bij de eerste tandartsen de controles opgestart.

Rechtvaardiging declaratie behandelcode C22

Het ligt voor de hand dat de zorgverzekeraars zich richten de op de vraag of afdoende rechtvaardiging bestond voor een gedeclareerde C22. In het bijzonder dat:

  • Voldoende bijzonderheden zijn vastgelegd in het dossier
    en/of
  • Er contact is geweest met huisarts of specialist van de patiënt

Oordeel van de mondzorgprofessional zélf

Het is de vraag welke conclusies verzekeraars kunnen trekken uit de controle of er op patiëntniveau voldoende bijzonderheden zijn beschreven die een rechtvaardiging van de declaratie van behandelcode C22 rechtvaardigen. Het is immers aan het oordeel van de behandelend mondzorgprofessional overgelaten om te boordelen of na het stellen van de normale routinevragen meer medische informatie nodig is. Als die informatie nodig is, en dus een aanvullende medische anamnese dient te worden uitgevoerd, moet de behandelend tandarts deze aanvullende anamnese kunnen uitvoeren en in rekening kunnen brengen.

Let op: normale regels bij controle zijn van toepassing

Ook bij controles naar C22 hebben zorgverzekeraars en zorgaanbieders de wettelijke rechten en plichten in acht te houden. Zo is de mondzorgprofessional die geen contract heeft met een verzekeraar en niet rechtstreeks declareert bij die verzekeraar, niet bevoegd om zonder toestemming van de patiënt medische informatie aan de verzekeraar te verstrekken. Ook dient de verzekeraar een controleplan op te stellen en toe te sturen, met daarin een onderbouwing van de controle en de verzochte gegevens. Zie het artikel: 10 concrete vuistregels bij controles door verzekeraars. Verstrek dus geen (medische) informatie zonder stil te staan bij uw wettelijke verplichtingen en rechten.

 Maatregelen

Het is zaak dat de mondzorgprofessional de controle naar de C22 op de juiste wijze aanpakt en behandelt. De maatregelen die de zorgverzekeraar kan nemen zijn immers ingrijpend, zoals het terugvorderen van gedeclareerde C22’s.

Controle samenloop Zvw en Wlz

Waar ziet de controle op?

Zorgverzekeraars zijn wettelijk bevoegd en verplicht om te controleren op de samenloop van declaraties van Wlz-zorg (Wet langdurige zorg) en Zvw-Zorg (Zorgverzekeringswet). Meerdere zorgverzekeraars hebben te kennen gegeven in 2018 te toetsen of mondzorg die in rekening is gebracht als Zvw-zorg, niet eigenlijk in rekening had moeten worden gebracht ten laste van de Wlz. Dit noemen de verzekeraars ‘samenloop’. De zorgverzekeraars, die slechts Zvw-zorg hoeven te vergoeden, hebben inmiddels Wlz-informatie ontvangen van alle zorgkantoren. Als er sprake is van samenloop, zullen de zorgverzekeraar de ingediende Zvw-declaratie alsnog afkeuren, zo hebben zij te kennen gegeven.

Mondzorg in de Wlz

Een patiënt kan in plaats van aanspraak op mondzorg uit hoofde van de Zvw en de aanvullende verzekering, aanspraak hebben op mondzorg ten laste van de Wlz. Het gaat dan om verblijf in een Wlz-instelling met ‘behandeling’. Daarvan is sprake bij geneeskundige zorg van specifiek medische aard die noodzakelijk is in verband met de aandoening, beperking, stoornis of handicap van de patiënt.

Ongewenst

De zorgverzekeraars keuren declaraties die bij het verkeerde ‘loket’ zijn ingediend af, waardoor de mondzorgprofessional zelf maar moet proberen het alsnog op te lossen met het zorgkantoor. Het is, naast de extra administratieve lasten, maar zeer de vraag of de mondzorgaanbieder in dat geval zijn kosten nog vergoed weet te krijgen. Dat is een ongewenste uitkomst, met name als de zorgaanbieder in alle redelijkheid niet had kunnen weten dat de patiënt in een Wlz-instelling met behandeling verbleef, zoals bij senioren die zelf naar de praktijk komen, nog ingeschreven staan op hun oude adres en door niemand over dat verblijf in een instelling wordt gerept. Daarbij komt nog dat de zorgverzekeraar en het zorgkantoor nauw gelieerd zijn aan elkaar en dus eenvoudig zouden moeten kunnen overleggen.

Privacy

Zorgverzekeraars geven aan dat zij de zorgaanbieder hierbij wel zouden wíllen helpen, maar dat de huidige privacywet- en regelgeving niet toestaat dat de verzekeraar bij afgekeurde declaraties aangeeft welke Wlz-zorgverlener betrokken is. Ook het toetsen door de zorgaanbieder zelf of geleverde zorg wellicht onder de Wlz valt, is nog niet mogelijk.

Voorlopig: opletten geblazen

Het ministerie van VWS onderzoekt of zorgverzekeraars bij afkeuring toch de Wlz-instelling kunnen vermelden en of zorgaanbieders toegang kunnen krijgen tot Wlz-data voorafgaand aan de behandeling en declaratie. Ook naar huidige wetgeving zou het mogelijk moeten zijn dat de zorgverzekeraar die opmerkt dat er sprake is van samenloop, dit met het zorgkantoor bespreekt en dat de zorgverzekeraar (i) ofwel de zorgaanbieder hiervan in kennis stelt, (ii) ofwel het onderling met het zorgkantoor regelt.

Tot de tijd dat dit gebeurt, is het opletten geblazen bij patiënten die mogelijk in een instelling verblijven. Daarnaast dient de mondzorgaanbieder goed te (laten) bestuderen bij wie een afgekeurde Zvw-declaratie alsnog kan worden ingediend: de instelling, het zorgkantoor of de patiënt.

Door:
Lex Geerts en Daniël Post  – Eldermans|Geerts – advocaten, zorgmakelaars en juridisch adviseurs

Lees meer over: Tarieven, Thema A-Z, Zorgverzekeringen
experiment met taakherschikking

Minister blijft bij experiment met taakherschikking

De taakherschikking mondzorg blijft de gemoederen bezig houden. Donderdag 1 februari gaf minister Bruins voor Medische Zorg en Sport een toelichting op zijn brief aan de Tweede Kamer over dit onderwerp. Hij benadrukte dat wat hem betreft het experiment van de taakherschikking van start kan gaan.

Taakherschikking onvoldoende van de grond

In een commissievergadering over zorg gaf de minister aan dat al meer dan tien jaar mondhygiënisten afstuderen, die zijn opgeleid in verdoven, röntgenfoto’s maken en het behandelen van primaire caviteiten. Volgens hem zijn zij in staat om als zelfstandige professional deze taak te verrichten.

Volgens de minister komt de taakherschikking ondanks de huidige bevoegdheden van de mondhygiënisten onvoldoende vanzelf van de grond. De drie belangenverenigingen die hierbij een rol spelen (KNMT, ANT en NVM-mondhygiënisten) zijn het niet met elkaar eens geworden en daarom hakt de minister nu de knoop door. Zoals de minister het verwoordde: “Ik vind dat die discussie een keer tot een einde moet komen en daarom heb ik het besluit genomen.” Later voegde hij daar aan toe: “Ik hoop dat het een vorm van uitlokking is, waardoor die drie partijen er alsnog samen uitkomen.”

Experiment

Als experiment krijgen de mondhygiënisten voor de duur van vijf jaar met ingang van 2020 zelfstandige bevoegdheid voor het voeren van de eerder genoemde handelingen. De minister verwacht dat de capaciteiten van tandarts en mondhygiënist zo beter worden benut en dat de patiënt ervaart dat de zorg efficiënter is georganiseerd.

De wet moet nog wel worden gewijzigd om het experiment mogelijk te maken. In het najaar zal hiervoor een wetsvoorstel worden ingediend. In de experimenteerperiode kan bekeken worden of het gewenste effect behaald wordt. Daarvoor zal in 2019 een nulmeting gedaan worden.

Ambitie taakherschikking

De ambitie is dat de taakherschikking een antwoord biedt aan de toekomstige zorgbehoefte. De minister: “Ik denk dat de mondhygiënisten een belangrijk deel van de dagelijkse zorg op zich kunnen nemen, waarbij preventie en curatie hand in hand gaan. Daarmee worden tandartsen vrijgespeeld om de complexe zorg op academisch niveau te verlenen.”

De vrije keuze blijft; patiënten kunnen zelf bepalen of ze naar een tandarts of een mondhygiënist gaan. Als een mondhygiënist gaat meedoen aan het experiment, dan moet altijd eerst een tandarts zijn geregeld als achterwacht, net zo als nu al een tandarts een kaakchirurg als achterwacht heeft georganiseerd.

Numerus fixus

Als antwoord op de vraag of er niet iets gedaan moet worden aan de numerus fixus van de opleiding tandheelkunde, antwoordde de minister dat er op het ogenblik een onderzoek plaatsvindt naar de capaciteit in de mondzorg. Het resultaat hiervan wordt in het voorjaar verwacht.

Wanneer experiment geslaagd?

Op de vraag wanneer het experiment van de taakherschikking als geslaagd kan worden beschouwd, antwoordde de minister dat er toetspunten moeten worden vastgesteld. In de eerste plaats moet volgens hem worden nagegaan of de patiënt het plezierig vindt. Daarnaast moet de samenwerking tussen mondhygiënist en tandarts soepel verlopen. En misschien moet ook het kostenaspect worden meegenomen.

AMvB in najaar

Bruins zei dat de AMvB dit najaar wordt ingediend en naar de commissieleden wordt gestuurd.

Bekijk de video over het overleg in de Tweede Kamer over de mondzorg op 1 februari:

Lees meer over taakherschikking mondzorg

Lees meer over: Taakdelegatie | Taakherschikking, Thema A-Z
Hoe kunt u omgaan met gecalcificeerde wortelkanalen?

Hoe kunt u omgaan met gecalcificeerde wortelkanalen?

Eén van de oorzaken van het niet slagen van een wortelkanaalbehandeling is het onvolledig instrumenteren en desinfecteren van het wortelkanaalstelsel. Door de vorming van tertiair dentine kunnen kanaalingangen zodanig verborgen liggen dat het lijkt of ze niet aanwezig zijn. Hoe gaan we om met deze gecalcificeerde wortelkanalen? In haar lezing gaf endodontoloog Marga Ree de hulpmiddelen en ezelsbruggetjes die helpen om doelgericht naar zo’n kanaal te zoeken. Veilig en efficiënt.

Waardoor kunnen calcificaties van de pulpaholte en het wortelkanaalstelsel ontstaan?

  • Na tandletsel
  • Na een pulpotomie of directe pulpaoverkapping
  • Na elke vorm van chronische irritatie
  • Restauraties
  • Cracks
  • Parafuncties
  • Orthodontie

Diagnostiek

Volgens Marga Ree spreken we van een gecalcificeerd wortelkanaal als deze niet met een handvijl #.08 vijl toegankelijk is tijdens behandeling. Daarnaast kan er sprake zijn van aanwezigheid van pulpastenen en/of tertiair dentine.
Bij röntgenologisch onderzoek zijn kanalen geheel of gedeeltelijk niet zichtbaar op de röntgenfoto. Bij klinisch onderzoek kunnen elementen verkleurd zijn.

Een donker verkleurde tand na tandletsel

Wortelkanaalcalcificatie na tandletsel ontstaat door een pulparespons waarbij hard weefsel (secundair/tertiair dentine/osteodentine) in het wortelkanaalstelsel wordt afgezet. Het ontstaat meestal bij een contusie of subluxatie, bij dit redelijk zachtaardig tandletsel is vaak de enige klacht dat het element te zijner tijd donker verkleurd. Vaak vertonen de meeste elementen een gele verkleuring en in mindere mate een grijze verkleuring. In het algemeen zijn er geen bacteriën in het spel, dus geen infectie.

Behandelopties voor elementen zonder een peri-apicale laesie, maar met een storende verkleuring

  • Wortelkanaalbehandeling en inwendig bleken
  • Inwendig bleken zonder wortelkanaalbehandeling
  • Uitwendig bleken
  • Combinatie van uitwendig en inwendig bleken
  • Maskeren met facing
  • Geen behandeling

Natriumperboraat mag weer gebruikt worden in de tandartspraktijk, mits het gaat om inwendig bleken als onderdeel van een medische handeling. Hierbij komt geleidelijk H2O2 vrij bij mengen met water, warme lucht of zuur. Waterstofperoxide in concentraties > 30%  is erg zuur, waardoor het gemakkelijk door de tubuli diffundeert, en waardoor een kans bestaat op resorptie..

Wat hebben we nodig om gecalcificeerde kanalen te behandelen?

Identificatie

  • Röntgenfoto’s vanuit verschillende hoeken, CBCT
  • Microscoop
  • Kennis van kanaalconfiguratie
  • Kennis van de kleurenkaart van dentine

Instrumentatie

  • Boren
  • Ultrasone tips
  • Speciale vijlen
  • Irrigantia
  • TGD (Tijd, Geduld, Doorzettingsvermogen)

Een veel voorkomende complicatie is de richting kwijtraken bij het zoeken van het wortelkanaal. Advies van Marga Ree is om de endodontische opening in een bovenincisief zoveel mogelijk naar incisaal te plaatsen, waardoor er een kleinere kans is om de verkeerde richting op te gaan. Bij twijfel is het advies om een röntgenfoto vanuit verschillende hoeken te schieten.

Kleurenkaart dentine

  1. De bodem van de pulpakamer is altijd donkerder dan de omgevende dentinewanden. Volg het dentine in apicale richting, blijf gecentreerd en kijk naar ‘’bullseye’’ patroon.
  2. Kanaalingangen zijn altijd gelokaliseerd op de grens van de wand en de bodem.
  3. Reparatief dentine of calcificaties zijn lichter dan de bodem van de pulpakamer en bedekken vaak de kanaalingangen.

Maak geen prikkende beweging om het kanaal te zoeken, maar watch winding (reciproce beweging met duim en wijsvinger). Soms kan zandstralen van de pupabodem helpen bij een betere kleurbepaling van de kleurenkaart van dentine.

Conclusie

  • Het is werk dat je met geduld moet doen, dus gun jezelf de tijd!
  • Maak röntgenfoto’s uit verschillende hoeken
  • Overweeg een CBCT -scan indien nodig
  • Behoud zoveel mogelijk gezond dentine, met name cervicaal
  • Gebruik vergroting
  • Let op de dentinekleuren

Marga Ree

Marga Ree studeerde in 1979 af als tandarts aan de UvA. In 2001 heeft zij haar specialisatie endodontologie voltooid met een Master of Science degree. Zij is een veelgevraagd spreker en heeft inmiddels meer dan 150 lezingen en hands-on cursussen gegeven in binnen- en buitenland. Er staan diverse publicaties in (inter)nationale vaktijdschriften op haar naam. Op het gebied van algemene tandheelkunde en endodontologie schreef zij diverse hoofdstukken voor verschillende boeken. Sinds 1980 voert zij praktijk in Purmerend, waarvan de laatste vijftien jaar een verwijspraktijk voor endodontologie.

Verslag door Joanne de Roos, tandarts, voor dental INFO van de lezing van Marga Ree tijdens het congres Endodontische complicaties van Bureau Kalker

 

 

Lees meer over: Congresverslagen, Endodontie, Kennis, Thema A-Z
Pilot bewustzijn van mondgezondheid en zelfzorg jonge moeders en hun baby’s

Pilot: bewustzijn van mondgezondheid en zelfzorg jonge moeders en hun baby’s

Hoe bewust zijn jonge moeders van 17 tot 24 jaar van mondgezondheid voor henzelf en voor hun baby’s? Yvonne Buunk-Werkhoven en Selma Burrekers onderzochten dit en publiceerden hierover. Deze doelgroep blijkt lastig te bereiken voor gedragsverandering.

Door middel van twee interactieve workshops gegeven aan de MJD groep* in Groningen en de antwoorden op een vragenlijst ingevuld door jongemoeders van 17-24 jaar werd de persoonlijke mondverzorging geëvalueerd. Als aanvulling daarop werd een persoonlijke screening – per uitnodigingsbrief en telefonisch – aangeboden in de Praktijk voor mondhygiëne van Selma Burrekers.

*De MJD Groep is een  maatschappelijke organisatie die met professionals en vrijwilligersadvies, informatie en ondersteuning biedt aan bewoners in Groningen en de drie Noordelijke provincies.

Bevorderen van mondgezondheid is minstens zo belangrijk als preventie van mondziekten. Hierbij leren mensen hun mondgezondheid te verbeteren door middel van meerdere activiteiten en oefeningen, ook wel aan te duiden als gezondheidsvaardigheden. In eerdere studies, ook onder kinderen,werd aangetoond dat gezondheidseducatie in het verleden en promotie-interventies (OHEPIs) effectief zijn en positieve invloed hebben op tandartsbezoek, poetsen en flossen.

Doelstelling onderzoek

Een artikel in een locale krant was de inspiratie voor dit vrijwillige initiatief van Buunk-Werkhoven en Burrekers. De bedoeling was om te bepalen wat het effect (impact) is van een laagdrempelige benadering van mondgezondheidsbevordering en om de betrokkenheid  van de zelfzorg beter te begrijpen. Daarnaast is het belangrijk om inzicht te krijgen in welke factoren van invloed zijn op de eigen verantwoordelijkheid en  het vermogen van jonge moeders om hun baby’s op een (kosten)effectieve manier preventieve zorg te bieden.

Door middel van twee Powerpointpresentaties werd uitleg gegeven en gediscusieerd over mondgezondheid en andere gezondheidsonderwerpen.Tijdens de eerste workshop vulden de deelnemers een index over mondgezondheid in. Als aanvulling daarop werden de jonge moeders per brief uitgenodigd om een screening in de praktijk te ondergaan. In de tweede workshop lag het accent vooral op de mondverzorging van de baby’s en peuters. Een half jaar na de eerste keer werden10 moeders persoonlijk uitgenodigd via een telefoongesprek om langs de praktijk te komen voor een gratis consult.

Resultaten

De groep bestond op papier uit 15 jonge moeders van 17-23 jaar. Ze hadden allen babies tussen 0-6 maandenof peuters in de leeftijd van 1,5 tot 4 jaar.

Bij de eerste keer waren 8 moeders aanwezig, 3 waren ziek en 4 anderen waren zonder bericht afwezig. De MondiX werd gebruikt als maatstaf voor het eigen mondhygiënegedrag.

Tweederde poetste tweemaal daags met een handtandenborstel en driekwart rapporteerde tenminste voor het slapen gaan het gebit te poetsen. Ongeveer de helft poetste minder dan een minuut, slechts 4 poetsten 2 minuten of langer. Interdentale reinigingsmiddelen werden niet of nauwelijks gebruikt.
Ongeveer 3 maanden na de eerste workshop bestond de groep op papier uit 11 moeders, inclusief 5 nieuwe jongemoeders, waarvan 1 7 maanden zwanger was. 5 moeders waren aanwezig, 5 waren afwezig en 1 kwam later binnen. Deze groep had gevraagd om een follow-up voor meer informatie, met name over de mondverzorging van hun kindje. Deze informatie was meer gespecificeerd en werd beter ontvangen door de groep. Echter, deze informatie was wederom niet voldoende om de moeders voor een gratis consult in de praktijk te krijgen.

Na observatie en navraag tijdens de discussie in de workshop hadden de moeders niet het besef en de intentie om de hoeveelheid zoet te beperken of om pas te poetsen een uur na inname van zure drankjes: ze vonden dit niet belangrijk.

In de herfst –een half jaar na aanvang van het project– konden uit de totale groep slechts 6 moeders per telefoon worden bereikt en uitgenodigd. Hiervan maakten 4 moeders een afspraak en slechts 2 kwamen opdagen. Deze twee bleken ook nog eens niet aanwezig te zijn geweest bij de workshops.

Case reports worden beschreven in de Engelse versie van het artikel.

Conclusie

Het blijkt uit dit interventieonderzoek dat veel directe aandacht, twee keer een interactieve workshop en herhaalde uitnodiging per brief en daarna nog telefonisch contact voor een gratis consult met kind niet voldoende zijn om deze jonge moeders te motiveren en/of te stimuleren.
De doelgroep die het nodigheeft, blijkt lastig te bereiken en mee te krijgen in bewustwording en gedragsverandering; De jonge moeders verkeren vooral in de eerste (pre-contemplatie) en tweede (contemplatie) fase van het gedragsveranderingsmodel (TTM).
Inzicht is nodig om te finetunen: wat is daadwerkelijk nodig bij en voor deze specifieke groep en op welke aspecten moet de focus gelegd worden om de jonge moeders meer bewust te laten worden en meer verantwoordelijkheid te laten krijgen voor gezondheidsgedrag, voor henzelf en voor hun kind.

Lees het complete onderzoek  

Onderzoek door Yvonne Buunk-Werkhoven, gepromoveerd psycholoogen onderzoeker binnen de preventieve mondzorg  en mondhygiënist Selma Burrekers.

Lees meer over: Communicatie patiënt, Kennis, Mondhygiëne, Thema A-Z
Oproep NVM-mondhygiënisten voor samenwerking in preventieve mondzorg

Oproep NVM-mondhygiënisten voor samenwerking in preventieve mondzorg

De stageboycot van ANT is een onbehoorlijke actie over de rug van studenten en cliënten”, zegt NVM-mondhygiënisten in haar persbericht. Studenten en cliënten dreigen volgens de beroepsvereniging nu last te krijgen van een discussie over samenwerking en professionalisering in de mondzorg.

Op 25 januari 2018 heeft de minister voor Medische Zorg en Sport – Bruno Bruins – de kamer in een brief laten weten dat hij de zelfstandige bevoegdheid van de mondhygiënisten gaat uitbreiden.
In een reactie hierop riep de ANT tandartsen op om de stages van studenten mondzorgkunde gericht op prepareren voorlopig op te schorten. NVM-mondhygiënisten “vindt dit een onbehoorlijke actie, omdat studenten en cliënten nu last dreigen te krijgen van een discussie over samenwerking en professionalisering in de mondzorg.”

Het belang van goede samenwerking

De NVM zegt in haar persbericht: “Goede samenwerking tussen mondhygiënisten en tandartsen en de inzet van alle beschikbare professionaliteit heeft veel voordelen. Het leidt tot betere mondzorg, meer focus op preventie en het bereiken van kwetsbare ouderen en jongeren.
Om die reden zet NVM-mondhygiënisten zich al jaren in voor het verbeteren van die samenwerking. De aangekondigde uitbreiding van zelfstandige bevoegdheden past hier goed in. Het is een logische stap in het aanbrengen van balans in de samenwerking en voorkomt onnodig papierwerk en vertraging voor cliënten.”

“Al jaren uitgevoerd”

De handelingen die de minister voor taakherschikking voorstelt – het zelfstandig maken van röntgenfoto’s, het toedienen van anesthesie en het behandelen van eerste gaatjes door mondhygiënisten – worden volgens de beroepsvereniging “al jaren door goed opgeleide en getrainde mondhygiënisten uitgevoerd”. De NVM zegt: “Er liggen duidelijke afspraken over kwaliteit, patiëntveiligheid en het vereiste opleidingsniveau. En ze doen dat goed, zo blijkt uit de jaarrapportages van de Klachtencommissie Paramedici en van de Stichting Geschilleninstantie Mondzorg (SGIM). Sinds de mondhygiënisten de behandelingen zijn gaan uitvoeren, hebben er zich geen noemenswaardige calamiteiten voorgedaan op de voorbehouden handelingen.”

“Logische stap”

Volgens de NVM gaat er niet zo veel veranderen. “Het enige dat er in dit prima functionerende systeem gaat veranderen, is dat de mondhygiënisten, die dit werk nu ook al doen in opdracht van tandartsen, straks zelf het besluit kunnen nemen om een cliënt hiermee te helpen. Dit is een logische stap in het aanbrengen van balans in de samenwerking in de mondzorg. Cliënten worden zo beter en sneller geholpen, terwijl onnodig papierwerk verdwijnt.”

 

Lees meer over: Taakdelegatie | Taakherschikking, Thema A-Z
Samenwerking Fresh Unieke Mondzorg en Leger des Heils

Samenwerking Fresh Unieke Mondzorg en Leger des Heils

Fresh Unieke Mondzorg en het Leger des Heils hebben eind januari een samenwerkingsovereenkomst ondertekend voor de mondzorg aan kwetsbare ouderen, (ex-) verslaafden, psychiatrische patiënten, mensen met een verstandelijke beperking en anderen die zijn aangewezen op steun van het Leger des Heils.

Dagelijkse mondverzorging

In Almere, Maarssen, Rotterdam en Baarn heeft het Leger des Heils eigen verpleeghuizen. Fresh Unieke Mondzorg verleent (mobiele) mondzorg en ondersteund managers en verzorgenden, zodat ze goed in staat zijn bewoners te helpen met de dagelijkse mondverzorging. Fresh Unieke Mondzorg zorgt er verder voor dat de instellingen aan alle wettelijke verplichtingen op het gebied van mondzorg voldoen.

Inloopcentra en opvangcentra Leger des Heils

De organisaties richten zich tevens op de mondzorg van mensen in inloopcentra en opvangcentra van het Leger des Heils. Daar komen veel (ex)verslaafden, psychiatrische patiënten en mensen die alles zijn kwijtgeraakt en geen uitweg meer zien. In eerste instantie gaat het er om hen pijnvrij te houden van mondproblemen. Maar daarnaast is het de doelstelling om ze weer een toonbaar gebit te geven. Want zonder toonbare lach, is het moeilijk een nieuw bestaan op te bouwen en mee te doen in de samenleving.

Bekostiging mondzorg

De zorg wordt daar waar mogelijk bekostigd uit reguliere vergoedingen en subsidies, maar deels ook uit sponsoring van Fresh Unieke Mondzorg en dentale bedrijven.

Fresh Unieke Mondzorg en het Leger des Heils gaan de samenwerking voor onbepaalde tijd aan en zullen jaarlijks de voortgang evalueren. Beide organisaties werken vanuit de gedachte dat iedereen in Nederland een goede mondzorg dient te krijgen, ook mensen aan de zelfkant van de samenleving die op een bepaald moment niet (meer) in staat zijn hun eigen zorg te regelen. Het doel is dat ze zelf weer de regie over hun eigen leven nemen, en dus ook over hun mondzorg.

Lees meer over: Opmerkelijk, Thema A-Z