Onderzoek: bijna duizend Amerikaanse kankergevallen veroorzaakt door tandheelkundige beeldvorming in 2019

Onderzoek: bijna duizend Amerikaanse kankergevallen veroorzaakt door tandheelkundige beeldvorming in 2019

Blootstelling aan röntgenstraling door tandheelkundige beeldvorming veroorzaakte in 2019 naar schatting 967 kankers in de Verenigde Staten, volgens een recente studie gepubliceerd in Oral Surgery, Oral Medicine, Oral Pathology and Oral Radiology. Van deze kankers had zo’n driekwart voorkomen kunnen worden, vonden de onderzoekers.

Veel kan worden voorkomen

Tandheelkundige radiografie-gerelateerde kankers vertegenwoordigen ongeveer 3% van de nieuwe kankers in de mond-/keelholte en 5% van de hersentumoren in de VS. Co-auteurs dr. Douglas Benn, PhD, van Creighton University en dr. Peter Vig, PhD, van Ohio Sate University merkten echter op dat 75% ervan voorkomen kan worden door geschikte selectiecriteria en rechthoekige collimatoren te gebruiken.

Informatie evalueren en bekendmaken

Benn en Vig hebben het onderzoek uitgevoerd om informatie over de risico’s van digitale röntgenfoto’s te evalueren en bekend te maken. Ze dachten dat het onderwerp moest worden herzien omdat het gebruik van cone-beam computed tomography (CBCT) in tandartspraktijken toeneemt. Bovendien zijn tandheelkundige röntgenfoto’s de meest uitgevoerde röntgenfoto’s bij gezonde mensen en zijn kinderen in het bijzonder gevoelig voor blootstelling aan straling.

Schattingen van kankerrisico’s

De studie over de Amerikaanse dental X-ray-markt bestond uit een analyse van tandheelkundige stralingsonderzoeken en orthodontische onderzoeken voor radiografische onderzoekfrequenties. De totale kankeraantallen met tandheelkundige en orthodontische oorzaken werden gegenereerd met behulp van schattingen van het kankerrisico van Amerikaanse en Europese studies. De meeste kankers die voortkwamen uit bezoeken aan tandartspraktijken werden in verband gebracht met beeldvorming van de volledige mond en CBCT.

Meestal geen risico-info op website

Ook werd er een analyse gemaakt van de kwaliteit en frequentie van risico-informatie op 150 tandartswebsites en toestemmingsformulieren. Hieruit bleek dat 86% van de algemene tandartspraktijken en 96% van de pediatrische tandartspraktijken geen bruikbare informatie gaven over het dosisrisico.

Schokkende resultaten

Dit laat volgens Benn en Vig zien dat “tandartsen geloven dat de risico’s op kanker door tandheelkundige radiografie triviaal zijn”. Aangezien ze ervan uitgaan dat tandartsen niet opzettelijk mensen zo’n groot risico laten lopen en ze waarschijnlijk niet bewust zijn van de risico’s van radiologische beeldvormingsprocedures, denken ze dat de resultaten van het onderzoek schokkend zullen zijn voor veel tandheelkundigen.

Selectiecriteria en collimatoren

Een deel van het risico zou volgens de auteurs kunnen worden voorkomen door selectiecriteria te gebruiken om ervoor te zorgen dat alleen röntgenfoto’s worden genomen die geschikt en nodig zijn. Ook kunnen rechthoekige collimatoren worden gebruikt om een röntgenapparaat nauwkeuriger te positioneren. Dit kan resulteren in een verlaging van de stralingsdosis tot 80%.

Nog weinig gebruikt

Hoewel een steriliseerbare herbruikbare houder met richtringen volgens Benn voor $150 te koop is in Amerika gebruikt volgens een ander onderzoek slechts 0.6% van de tandartspraktijken het apparaat. Sommige tandartsen zijn van mening dat het gebruik van een rechthoekige collimator het aantal technische fouten verhoogt, wat resulteert in meer röntgenstraling en blootstelling aan straling. Benn zegt echter dat hoewel 7% van de röntgenfoto’s met collimatie opnieuw moet, er een vermindering van 73% van de totale dosis is.

Informed consent

De onderzoekers adviseren tandheelkundige professionals ook een formulier voor informed consent te gebruiken met een lijst van kankerrisico’s en uitleg waarom de beeldvorming nodig is. Het feit dat zo’n formulier op de overgrote meerderheid van tandheelkundige sites afwezig is toont aan dat tandartsen “geloven dat er geen juridisch risico voor zichzelf bestaat”, aldus de auteurs.

Richtlijnen in Nederland

Dit onderzoek ging specifiek over tandheelkundige radiologische beeldvorming in de Verenigde Staten. De conclusies hoeven niet te gelden voor Nederland. Klik hier voor de meest recente Nederlandse richtlijn Tandheelkundige Radiologie van de KNMT.

Bron:
Oral Surgery, Oral Medicine, Oral Pathology and Oral Radiology 

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Röntgenfoto’s schieten tekort bij diagnosticeren cariës bij kleuters

Röntgenfoto’s schieten tekort bij diagnosticeren cariës bij kleuters

Een diagnose op basis van een röntgenfoto bij kleuters zit er bijna één op de drie keer naast. Vaak is een visuele controle al voldoende om de juiste behandeling te bepalen.

Dat blijkt uit een onderzoek dat recentelijk werd gepubliceerd in BMC Oral Health. Volgens de onderzoekers wordt bij ongeveer 30% van de melktandoppervlakken onnauwkeurige laesies gediagnosticeerd na het gebruik van tandheelkundige röntgenfoto’s.

Dat suggereert dat dergelijke röntgenfoto’s mogelijk niet nodig zijn voor het opsporen van tandbederf bij jonge kinderen. Klinische richtlijnen met betrekking tot de diagnose van cariës moeten daarom mogelijk opnieuw worden bekeken, schrijven de auteurs.

Analyse en resultaten 

“Een gelijktijdige combinatie van visuele inspectie en röntgenfoto’s levert bij het opsporen van cariës bij kleuters meer nadelen dan voordelen op. Daarom moet in de reguliere klinische praktijk alleen een visuele inspectie worden uitgevoerd”, aldus de onderzoekers, geleid door Dr. Laura Regina Pontes van de afdeling kindertandheelkunde aan de School voor Tandheelkunde van de Universiteit van São Paulo.

Zij analyseerden de diagnoses van 4383 proximale en occlusale oppervlakken van de babykiezen van 216 kinderen van 3 tot 6 jaar. In 70% van de gevallen kwamen de diagnoses van de visuele inspectie van de tandarts en de röntgenfoto overeen. Maar in 30% leverde de inspectie van de röntgenfoto een andere diagnose op.

Röntgenfoto’s schieten tekort bij diagnosticeren cariës bij kleuters - Analyse en resultaten

Zoals in bovenstaande tabel te zien is, onderschatte de röntgenfoto de cariës in 26% van de gevallen. Op basis van deze diagnose zou de cariës dus niet (intensief) genoeg behandeld worden. In 5% van de gevallen overschatte de röntgenfoto de cariës juist. In die gevallen zou de cariës te intensief behandeld kunnen worden. Het totaal komt uit op 101% als gevolg van afronding.

Meest voorkomende aandoening

Cariës is de meest voorkomende aandoening van de mondgezondheid. Onbehandelde gaatjes in melktanden treffen ongeveer 500 miljoen kinderen, waardoor het de meest voorkomende chronische ziekte in deze populatie is. Een goede diagnostische methode is dus belangrijk.

De traditionele klinische richtlijnen schrijven voor dat tandbederf bij kinderen het beste gediagnostiseerd kan worden door een combinatie van visuele inspectie en röntgenfoto’s. Deze richtlijnen worden vaak gevolgd uit angst om carieuze laesies aan de occlusale en proximale oppervlakken van de achterste kiezen te missen.

Meer schade dan voordelen

Nu zijn er dus aanwijzingen dat deze combinatie niet optimaal is. Het kan zelfs schadelijk zijn, aangezien de röntgenfoto vaak tekort schiet. Bovendien leverden de röntgenfoto’s vaker een vals-positief op dan de visuele inspecties uit de analyse (respectievelijk 17 tegenover 3).

Daar komt bij dat de röntgenstraling van een gebitsfoto schadelijk kan zijn. Uit een rapport eerder dit jaar blijkt dat herhaalde blootstelling aan straling gebruikt om tandheelkundige röntgenfoto’s te maken verband houdt met een verhoogd risico op schildklierkanker en meningeoom. Genoeg reden voor de onderzoekers om te adviseren de klinische richtlijnen rondom tandbederf aan te scherpen.

Bron:
BMC Oral Health

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z

Tand verplaatst naar kin van man en toont noodzaak om röntgenfoto van volledige mond te maken

De snijtand van een man verplaatste zich tijdens een verkeersongeluk naar een wel erg aparte plek – de kin. Pas na een tweede onderzoek werd het ontdekt en vervolgens operatief verwijderd. Dit benadrukt het belang van secundaire beoordelingen en scans van gezichtstrauma.

Tandverplaatsingen tijdens trauma

Wanneer tanden worden losgeslagen tijdens een trauma blijft het merendeel op de plek van verwonding. Soms komt de tand (deels) in de zachte weefsels terecht, meestal de boven- en onderlip. In zeldzame gevallen vindt de tand zijn weg naar de neusholte, luchtwegen of het maagdarmkanaal. Dit kan tot verschillende complicaties leiden, waaronder wondscheiding, fibrose en overlijden.

Onontdekte tand in kin

Het gebeurt nog minder vaak dat een tand zich door een breuklijn naar de kin verplaatst. Dit overkwam een man tijdens een verkeersongeluk. Dit werd eerst niet ontdekt, maar twee maanden na het ongeluk en daaropvolgende operaties aan zijn maxillofaciale gebieden kreeg de man een zwelling in zijn submentale ruimte die niet reageerde op antibiotica en analgetica. Hierop werd hij doorverwezen naar de afdeling voor mond- en kaakchirurgie.

Röntgenfoto toont oorzaak zwellling

Het vocht uit de zwelling bleek uit bloedige, dunne, geurloze massa cellen te bestaan. Een gedetailleerde röntgenfoto van de gehele mond en kaken toonde een verplaatste centrale snijtand die de zwelling bij de breukplaats veroorzaakte.

Operatieve verwijdering

Kaakchirurgen besloten om de tand met een laagsgewijze dissectie operatief te verwijderen. De tand werd ingesloten door een dikke vezelige bindweefselcapsule die volgens de auteurs in zijn geheel samen met de tand erin naar buiten kwam.

Tweede onderzoek is belangrijk

Het geval van de kin laat zien hoe belangrijk het is om een tweede onderzoek te doen en panoramische röntgenfoto te maken wanneer een persoon de spoedeisende hulp bezoekt met maxillofaciaal trauma, volgens de auteurs. In deze casus werd een secundair onderzoek namelijk waarschijnlijk genegeerd met alle gevolgen van dien.

Gebrek aan kennis

De auteurs speculeerden in hun publicatie in Trauma Case Reports dat de chirurgen de tand tijdens hun eerst onderzoek misten omdat ze niet goed thuis waren in het gebit of niet wisten dat een tweede onderzoek nodig was.

Mond- en kaakchirurgen zijn dus noodzakelijk als onderdeel van multidisciplinaire teams wanneer maxillofaciale verwonden zich voordoen. Een panoramische röntgenfoto “zou deel moeten uitmaken van elk [geval] die te maken heeft met tandheelkundig op maxillofaciaal trauma als aanvullen op de standaard CT-scan”, aldus de auteurs.

Bron:
Trauma Case Reports

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Maak intraorale scans in goed verlichte ruimte in blauwlichtscanmodus

Maak intraorale scans in goed verlichte ruimte in blauwlichtscanmodus

De lichtomstandigheden, waaronder de kleur van het licht van de scanner, beïnvloeden de nauwkeurigheid van een intraorale scan. Volgens een artikel uit het Journal of Prosthodontics resulteert een scan die gemaakt is met een blauwlichtscanmodus in aanzienlijk nauwkeurigere scans.

Nauwkeurigheid is belangrijk         

De nauwkeurigheid van een intraorale scan is belangrijk omdat een scan de eerste stap is in een CAD/CAM-workflow. Dit kan bijvoorbeeld worden gebruikt om snel een volledig kunstgebit te dupliceren. Het type scanner, postprocessing-algoritmen en omgevingslicht kunnen allemaal de scannauwkeurigheid beïnvloeden, zo blijkt uit het onderzoek van een groep Turkse onderzoekers.

Verschillende lichtomstandigheden

De nauwkeurigheid van intraorale scans werd onder vier verschillende omstandigheden bepaald: met of zonder plafondlamp van ongeveer 1000 lux aan, en met scanmodi met blauw of wit licht. De lamp was ongeveer even helder als de verlichting in een supermarkt. De studie omvatte twintig vrijwilligers met een volledig gebit die tandheelkundestudenten waren aan de universiteit van de onderzoekers.

Vergelijking tussen scan en gedigitaliseerde afdruk

Nadat een tandprotheticus afdrukken van de gebitten maakte werden deze gedigitaliseerd met behulp van een 3Shape tandtechnische laboratoriumscanner. De verkregen STL-bestanden werden gebruikt als referentie voor de nauwkeurigheid. Twee extra tandprothetici maakten vervolgens digitale scans van de vrijwilligers onder de vier verschillende omstandigheden. Met behulp van een digitaal softwareprogramma werden uiteindelijk de digitale scans en de gedigitaliseerde afdrukken vergeleken.

Beide factoren beïnvloeden resultaat

Tot de verbazing van de auteurs bleken beide factoren in significant effect op de nauwkeurigheid te hebben. De combinatie van plafondlicht aan en in de blauwlichtmodus leverde scans op met de minste afwijking vergeleken met de referentie. Scans die werden gemaakt zonder licht aan presteerden het slechtst in het onderzoek. De blauwlichtscanmodus leverde altijd betere resultaten dan de witlichtscanmodus.

Advies: maak scans met blauw licht in goed verlichte ruimte

De onderzoekers raden dan ook aan om intraorale scans in een goed verlichte ruimte te maken met de blauwlichtmodus. Ze hopen dat toekomstige studies hun experimenten herhalen en daarbij ook de precisie evalueren – een statistiek die ze niet in hun eigen analyse konden opnemen.

Bron:
Journal of Prosthodontics

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z

SS-OCT, veelzijdige opnametechniek zonder röntgenstraling

Swept-source optische coherentietomografie (SS-OCT) kan helpen om cariës, kroonfracturen en meer te diagnosticeren door cross-sectionele beelden van de tanden te leveren met hoge resolutie. Dit schrijven onderzoekers geleid door Dr. Yasushi Shimada van de Graduate School of Medicine, Dentistry and Pharmaceutical Sciences aan de Okayama University in Japan in Japanese Dental Science Review.

‘Echo’s’ met licht

Optische coherentietomografie is een beeldvormingstechniek die de interne structuur van bijvoorbeeld tanden kan visualiseren met een microscopisch resolutieniveau. In tegenstelling tot bij röntgenfoto’s maakt de techniek gebruik van laserlicht zodat de patiënt niet aan mogelijk schadelijke straling wordt blootgesteld.

Het is eigenlijk een echo maar maakt gebruik van laserlicht in plaats van geluidsgolven. De laser wordt gericht op het weefsel en vangt het weerkaatste licht op. Door dit te vergelijken met het oorspronkelijk uitgezonden licht met behulp van een interferometer kan je zien hoe lang het licht onderweg is geweest en dus hoe diep het is gegaan. Hiermee wordt vervolgens een beeld gevormd.

In realtime beelden van interne structuren

Vroegere systemen maten dit weerkaatste signaal als functie van tijd. Tegenwoordig maakt men gebruik van een wiskundige techniek genaamd Fouriertransformatie waardoor de resolutie en snelheid enorm verbeterd zijn. De laatste variant is swept source OCT waarbij de lichtbron een instelbare laser is die een range van nabij-infrarode frequenties gebruikt. Op deze manier kunnen dwarsdoorsnedebeelden van interne structuren in realtime worden verkregen.

Dentine-glazuurverbinding duidelijk zichtbaar

De beeldvormingsdiepte van OCT wordt sterk beïnvloed door de doorschijnendheid van het medium. Intact glazuur is bijna transparant voor OCT-golflengtes waardoor het makkelijk is om onderscheid te maken tussen glazuur en dentine: de dentine-glazuurverbinding is als een zwarte grens zichtbaar. Gedemineraliseerd glazuur en dentine verschijnen juist als heldere zones.

Detectie van o.a. cariës mogelijk

Ook is in een SS-OCT-afbeelding de bovenrand van een holte zichtbaar als een duidelijke heldere rand. Zo zijn cariës met cavitatie in de interproximale of occusale verborgen ruimte goed zichtbaar. Verder kan met deze techniek de diepte van een fractuur in een tand worden bepaald, zelfs wanneer de breuk zich buiten de dentine-glazuurverbinding uitstrekt, zeggen de auteurs.

Vanwege de hoge mate van gevoeligheid en specificiteit is SS-OCT effectief voor het detecteren van cariës en kroonfracturen. Ook is de mate van verlies van tandstructuur hiermee in te schatten.

Verdere ontwikkelingen verwacht

Deze lijst van mogelijkheden van SS-OCT zal waarschijnlijk verder worden uitgebreid naarmate de techniek zich nog verder ontwikkelt, denken de auteurs. “Verdere technologische evolutie zal men in staat stellen om de OCT-beeldvorming te gebruiken voor het diagnosticeren van parodontitis en mondziekten”, schreven ze.

Wat vindt dr. Erwin Berkhout van de SS-OCT-ontwikkeling?

We vroegen dr. Erwin Berkhout, hoofd van de sectie Tandheelkundige Radiologie van ACTA, coördinerend stralingsdeskundige en tandarts, hoe hij de SS-OCT-ontwikkeling ziet.

“Dit lijkt me een indrukwekkende en veelbelovende ontwikkeling. De onderzoekers van SS-OCT presenteren getallen die beter zijn voor cariësdiagnostiek dan we met röntgenfoto’s bereiken, dus dat is mooi nieuws zeker omdat het zonder röntgenstraling gaat. Als je het artikel beter leest, zie je wel wat kanttekeningen. Het zijn niet de kleinste cariësleasies die ze met deze techniek opgespoord hebben; het betreft in het onderzoek ‘’cavitated lesions’’, terwijl je natuurlijk liever de gedemineraliseerde maar nog niet gecaviteerde caries vindt, waarbij preventieve behandeling nog mogelijk is. Aan de andere kant kan het een begin zijn van een ontwikkeling, die op een gegeven moment beter wordt. Je moet ergens beginnen en dan volgen we met belangstelling hoe dit zich gaat verbeteren in de komende jaren.”

Alleen onderzoek in Japan

“Ik heb gezocht naar eerder gepubliceerde literatuur over SS-OCT. Sinds 2012 zijn onderzoekers al met deze techniek bezig. Dat zegt natuurlijk ook wel wat. Het lukt blijkbaar nog niet heel eenvoudig om dit van de grond te krijgen. En als je de bestaande publicaties bekijkt dan lijkt het vooralsnog voornamelijk een Japans feestje te zijn dat door de rest van de wereld nog niet wordt omarmd. Als je dat vergelijkt met ontwikkelingen in de artificial intelligence, waar ongeveer elke onderzoeksgroep in de radiologie nu aan werkt, zegt dat ook wel wat over de levensvatbaarheid. Als het iets heel moois en veelbelovends zou zijn, zou je verwachten dat meer mensen hierop in zouden springen. Zeker omdat het al bijna 10 jaar bekend is.”

Andere alternatieven voor röntgen cariësdiagnostiek

“Enerzijds lijkt het dus veelbelovend, anderzijds vraag ik mij wel waarom het dan nog niet veel breder bekend is en er meer mensen mee bezig zijn. Het lijkt een vergelijkbare situatie met andere alternatieven voor röntgen cariësdiagnostiek: de QLF-camera, de Diagnodent en (Di)FOTI. Deze drie methoden worden nog niet heel veel toegepast vanwege uiteenlopende oorzaken. Tandartsen worden nog niet massaal over de streep getrokken om dit soort technologieën toe te passen. Dat kan liggen aan hanteerbaarheid in de praktijk, diagnostische meerwaarde boven bestaande technieken en mogelijk ook aan de investering die gedaan moet worden en de mogelijkheid die, in ieder geval in de Nederlandse vergoedingensystematiek, rendabel te maken. Zo’n nieuwe methode moet het dan hebben van het enthousiasme van een tandarts om hierin te investeren.”

“Concluderend kan je zeggen dat de SS-OCT ontwikkeling heel interessant is maar dat feitelijk gebruik in de praktijk vermoedelijk nog even op zich laat wachten. Er lijkt nog meer klinisch onderzoek nodig om echt te bewijzen dat het zo mooi is als het lijkt.”

Bron:
Japanese Dental Science Review
Dr. Erwin Berkhout, tandarts, coördinerend stralingsdeskundige & hoofd van de sectie Tandheelkundige Radiologie van ACTA

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
ANVS-Herinnering

Herinnering ANVS: regel vóór 15 april uw registratie of vergunning voor werken met röntgentoestellen

Tandartsen die werken met röntgentoestellen hebben daarvoor een registratie of vergunning nodig van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Voordat het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming (Bbs) van kracht werd in 2018, volstond vaak een melding bij de ANVS.

Veel tandartsen hebben deze melding na de veranderde regelgeving tijdig omgezet naar een registratie of vergunning. De praktijkeigenaren die dit niet gedaan hebben en nog steeds met röntgentoestellen werken zijn intussen in overtreding. Zij krijgen een laatste kans om de registratie of vergunning alsnog aan te vragen. De ANVS zal niet handhavend optreden ten aanzien van deze overtreding, als de aanvraag voor registratie of vergunning vóór 15 april alsnog wordt gedaan.

Toezicht

Rekening houdend met bovenstaande aanpak blijft de ANVS intussen haar toezichtprogramma uitvoeren. Zo startte de ANVS onlangs met inspecties bij tandheelkundige praktijken. Tijdens deze inspecties kijkt de ANVS naar de registraties en vergunningen en houdt toezicht op bijvoorbeeld de vereiste deskundigheid voor het werken met röntgentoestellen. Als blijkt dat bijvoorbeeld veiligheidsvoorschriften onvoldoende worden nageleefd zal de ANVS natuurlijk wel handhavend optreden. Deze aanpak past binnen de toezicht- en interventiestrategie van de ANVS waarin het kader staat voor de risicogerichte toezicht- en interventieaanpak.

Regelen van registratie of vergunning

Als een tandarts nieuwe plannen heeft om met röntgentoestel te werken, dan is de termijn tot 15 april overigens niet van toepassing en moet vóórdat met het toestel wordt gewerkt eerst een vergunning of registratie geregeld worden.

Het aanvragen van een registratie of vergunning vraagt de nodige tijd. Zo moet bijvoorbeeld een risicoanalyse zijn opgesteld om de aanvraag in te dienen. Ook het opstellen van deze analyse, wat tandartsen veelal laten doen door adviseurs, kost tijd. De aanvraag voor een registratie of vergunning kan digitaal worden ingediend, via het ANVS-loket. Om gebruik te maken van deze digitale dienstverlening is eHerkenning met betrouwbaarheidsniveau 2+ nodig.

Meer informatie

Zie het stappenplan anvs.nl in welke situaties een registratie of vergunning nodig is. De factsheet ‘registratie of vergunning regelen voor tandartsen’ geeft ook meer uitleg. Bij vragen kunt u contact opnemen met de ANVS via het online contactformulier. U kunt ook bellen met 088-4890500, op werkdagen tussen 08.30 en 17.00 uur.

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z

Niet-conventionele MRI-technieken beter voor breinbeelden van patiënten met beugels

Het maken van een MRI-scan bij patiënten met beugel leidt vaak tot onduidelijke beelden omdat metalen objecten artefacten veroorzaken. Nieuw onderzoek suggereert dat dit probleem kan worden opgelost door andere MRI-sequenties te gebruiken.

Metalen beïnvloeden het beeld

MRI is een veelgebruikte medische beeldvormingstechniek waaraan geen ioniserende straling te pas komt. In plaats daarvan werkt het met een sterk magneetveld en series van radiogolven. Een nadeel van de techniek is dat metalen objecten de verkregen beelden kunnen vervormen.

Dit kan ook gebeuren als ze niet gevoelig zijn voor magneetvelden. Hierdoor kunnen bij patiënten met beugels artefacten ontstaan, waardoor MRI-beelden van de hersenen minder duidelijk zijn. Onderzoekers van de Johns Hopkins University hebben in een nieuwe studie een methode gevonden om dit probleem te overwinnen.

T2-voorbereide BOLD fMRI en diffusie-voorbereide DTI lossen probleem op

Momenteel zijn Blood oxygenation level-dependent (BOLD) functional MRI (fMR) en Diffusion tensor imaging (DTI) veelvuldig gebruikte MRI-technieken. Echo-planar imaging (EPI) wordt vaak gebruikt in combinatie met beide technieken. Helaas is EPI erg gevoelig voor artefacten.

Hoewel er ook andere methodes bestaan, hebben deze ook nadelen ten opzichte van BOLD en DTI. De onderzoekers hebben daarom nu gebruik gemaakt van een iets andere versie van deze technieken, namelijk T2-voorbereide BOLD fMRI en diffusie-voorbereide DTI.

Deze technieken vertoonden gelijke signaal-ruisverhouding (SNR) in de gehele hersenen, terwijl conventionele EPI-behandelingen verminderde SNR vertoonden in regio’s die gevoelig zijn voor artefacten.

Test met vijf protocollen en zes proefpersonen

Om tot deze resultaten te komen testten de onderzoekers verschillende protocollen met behulp van een 3-tesla MRI-scanner. Voor de studie werden zes gezonden proefpersonen met een gemiddelde leeftijd van 40 jaar ingezet. Vijf protocollen werden getest:

  • Magnetisation-prepared rapid acquisition gradient echo (MP-RAGE)
  • 2D GRE EPI BOLD fMRI
  • 3D T2-voorbereide BOLD fMRI
  • 2D spin-echo EPI DTI
  • 3D diffusie-voorbereide DTI met snelle 3D GRE

Uit de resultaten bleek dat de T2-voorbereide BOLD fMRI en 3D diffusie-voorbereide DTI met snelle 3D GRE een betere signaal-ruisverhouding gaven dan normale EPI. Hierdoor zijn de verkregen beelden veel duidelijker.

De onderzoekers zeggen dat hun resultaat laat zien dat T2-voorbereide Blood oxygenation level-dependent functional MRI en diffusie-voorbereide Diffusion tensor imaging nuttige alternatieven kunnen zijn voor het in kaart brengen van het menselijk brein. Wanneer er bijvoorbeeld metalen beugels aanwezig zijn, zullen deze technieken betere resultaten geven dan de gebruikelijke Echo-planar-imaging methode.

Bron:
Radiology

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
rontgenstraling

ANVS: Regel nu uw registratie of vergunning voor het werken met stralingsbronnen

Praktijken die werken met stralingsbronnen, zoals röntgenapparatuur of XRF (röntgenfluorecentiespectrometrie), hebben daarvoor een registratie of vergunning nodig van de ANVS. Voordat het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming (Bbs) van kracht werd in 2018, volstond vaak een melding bij de ANVS. Veel ondernemers hebben deze melding tijdig omgezet naar een registratie of vergunning. De ondernemers die dit niet gedaan hebben en nog steeds stralingsbronnen hebben en ermee werken zijn intussen in overtreding. Zij krijgen een laatste kans om deze overtreding nu te beëindigen.

Veranderde regelgeving

Met de invoering van het Bbs is er voor ondernemers veel veranderd. Voorheen was voor het werken met bijvoorbeeld röntgenapparatuur, en sommige ingekapselde bronnen en radioactieve stoffen met natuurlijke radionucliden, vaak slechts een melding bij de ANVS nodig. Deze meldingsplicht is vervangen door een registratie- of vergunningplicht en daarvoor moet een aanvraag worden ingediend bij de ANVS. Om de aanvraag voor registratie of vergunning te regelen, werd een overgangstermijn van twee jaar afgesproken. Deze is intussen verstreken.

Overtreding ongedaan maken

Veel ondernemers, zoals eigenaren van tandartspraktijken of dierenklinieken, hebben hun registratie of vergunning op tijd, binnen de overgangstermijn, geregeld. Ook zijn er ondernemers die dit nog moeten doen. Ondernemers die dit nog niet gedaan hebben en de stralingsbronnen nog steeds voorhanden en in gebruik hebben, zijn in overtreding. Soms is de aanvraag nog niet gedaan, omdat bijvoorbeeld ten onrechte gedacht wordt dat de oude melding bij de ANVS nog geldig is. Deze ondernemers krijgen daarom nu een laatste kans om de registratie of vergunning alsnog aan te vragen. De ANVS zal niet handhavend optreden ten aanzien van deze overtreding, als een ondernemer vóór 15 april 2021 zijn aanvraag voor registratie of vergunning alsnog doet. Indien een ondernemer nieuwe plannen heeft om met stralingsbronnen te werken, dan is deze termijn overigens niet van toepassing en moet vóórdat met een stralingsbron wordt gewerkt eerst een vergunning of registratie geregeld worden.

De aanvragen voor registraties of vergunningen moeten zo snel mogelijk worden ingediend bij de ANVS. Het aanvragen van een registratie of vergunning vraagt de nodige tijd. Zo moet bijvoorbeeld een risicoanalyse zijn opgesteld om de aanvraag in te dienen. Het opstellen van deze analyse, wat bedrijven veelal laten doen door adviseurs, kost tijd. De aanvraag voor een registratie of vergunning kan digitaal worden ingediend, via het ANVS-loket. Om gebruik te maken van deze digitale dienstverlening is eHerkenning met betrouwbaarheidsniveau 2+ nodig.

Inspecties bij tandheelkundige praktijken

Rekening houdend met bovenstaande aanpak blijft de ANVS natuurlijk intussen haar toezichtprogramma uitvoeren. Zo start de ANVS met inspecties bij tandheelkundige praktijken. Tijdens deze inspecties kijkt de ANVS naar de registraties en vergunningen en houdt toezicht op bijvoorbeeld de vereiste deskundigheid voor het werken met stralingsbronnen. Als blijkt dat bijvoorbeeld veiligheidsvoorschriften onvoldoende worden nageleefd zal de ANVS natuurlijk wel handhavend optreden. Deze aanpak past binnen de toezicht- en interventiestrategie van de ANVS waarin het kader staat voor de risicogerichte toezicht- en interventieaanpak.
Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming De vereisten in het Bbs bieden de basis voor het verantwoord en veilig werken met stralingsbronnen in Nederland. Stralingsbronnen worden in verschillende sectoren gebruikt voor onder andere behandelingen, metingen of onderzoek. Bijvoorbeeld in ziekenhuizen voor het maken van röntgenfoto’s en CT-scans of verschillende vormen van radiotherapie, en door tandartsen of dierenartsen. Ook in de voedingsmiddelenindustrie, weg- en waterbouw en de olie- en gasindustrie worden stralingsbronnen gebruikt om bijvoorbeeld bruggen, buizen of leidingen te onderzoeken op niet-zichtbare beschadigingen. Elk Europees land heeft deze afspraken gemaakt op basis van Europese richtlijn Basic Safety Standards (BSS). In Nederland ziet de ANVS samen met onder andere ISZW en IGJ toe op de naleving van deze voorschriften.

Stappenplan: in welke situaties een registratie of vergunning

Zie het stappenplan voor in welke situaties een registratie of vergunning nodig is. U kunt ook bellen met 088-4890500, op werkdagen tussen 08.30 en 17.00 uur.

Lees meer over: Inspectie, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z

5 dingen die we kunnen verwachten van AI komend decennium

Hoewel er veel gezegd is over de echte sci-fi kant van AI (robotarmen die chirurgie uitvoeren) of de alledaagse oplossingen (chatbots plannen), is de meeste winst te halen met AI op zowat elk handmatig, foutgevoelig proces op het gebied van tandheelkunde.

Omdat AI-technologie zowel gehuld is in mysterie als gestigmatiseerd, heeft de Dental Assistant Nation podcast Kyle Stanley ingeschakeld om het onderwerp te belichten en vijf dingen te benadrukken die we het komende decennium van AI kunnen verwachten. Dr. Kyle Stanley biedt zijn perspectief als tandarts in de privépraktijk. Hij is een klinisch onderzoeker en de mede-oprichter van kunstmatige intelligentiebedrijf Pearl, waar hij chief clinical officer is. Beluister de podcast hieronder:

Wat moet je nu meenemen uit deze podcast? En wat zijn de vijf dingen die we in dit decennium van AI kunnen verwachten? Wij zetten het voor je op een rij:

  1. Verbetering van de klinische workflow

    AI automatiseert handmatige processen en biedt flexibelere manieren om aan patiëntplannen te werken. Waarom zou je nog typen tijdens patiëntinteracties wanneer AI kan ‘luisteren’ en uw kaarten voor u of uw hygiënist kan maken? U hoeft daarnaast niet te wachten tot een patiënt fysiek op kantoor is om te werken aan een glimlachontwerp wanneer u biometrische AI-programma’s gebruikt.

  2. Verbetering van de praktijkefficiëntie

    Natuurlijke taalverwerking geeft ons de mogelijkheid om planningsgesprekken, telefoongesprekken en grafieken te analyseren om kansen te ontdekken om onze manier van werken te verbeteren. Zo kunnen vergissingen geïdentificeerd worden die anders onontdekt zouden blijven. Wanneer het wordt toegepast in praktijkgroepen en grotere patiëntenpopulaties, biedt AI de informatie die nodig is om geïnformeerde keuzes te maken: van HR-keuzes tot het opnieuw bestellen van voorraden.

  3. Nauwkeuriger diagnostiek

    AI belooft een grotere precisie en nauwkeurigheid in de diagnostiek. Tandartsen zullen in staat zijn om onmiddellijk gebruik te maken van de wijsheid van duizenden tandartsen over de hele wereld met AI-tools die zijn opgeleid om gemeenschappelijke pathologieën van tandheelkundige röntgenfoto’s te identificeren. Op de lange termijn zal AI diagnostiek leveren die exponentieel preciezer is dan een enkele tandarts zou kunnen bieden en als de nieuwe zorgstandaard zou kunnen dienen.

  4. Verbetering van tandheelkundige restauraties

    AI-technieken, waaronder computer vision en machine learning, zullen een nieuwe standaard voor precisie en snelheid bij de productie van tandheelkundige restauraties teweegbrengen. Labs gebruiken AI om vanaf het begin te weten dat ze alleen hoogwaardige scans gebruiken om restauraties met een perfecte pasvorm supersnel te maken.

  5. Fixing verzekering

    AI zal misschien de grootste impact hebben buiten de tandartspraktijk, het aanspreken van de olifant in de “kamer” van de tandheelkundige industrie: verwerking van tandheelkundige claims en de betaling van uitkeringen. Dr. Stanley legt uit hoe AI het old-school systeem dat tandartsen zo lang heeft geërgerd volledig kan omverwerpen.
    Dit laatste punt vinden wij wel meer Amerikaans gericht, gezien de Amerikaanse claimcultuur.

Bron:
Dental Assistant Nation

 

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
artificial-intelligence-in-de-tandheelkunde

Artificial Intelligence in de tandheelkundige diagnostiek

Artificial Intelligence kan ook binnen de tandheelkunde een verschil maken. Waar nu nog wordt gewerkt met complexe software en een workflow met veel stappen, kunnen processen in de toekomst worden geautomatiseerd. Verslag van de lezing van dr. David Anssari Moin tijdens het wintersymposium van de NVDMFR.

Diagnostische accuratesse bij dentale radiografie

Artificial Intelligence kan worden toegepast om de diagnostische accuratesse bij dentale radiografie en diagnostiek te verhogen. Er zijn accurate gouden standaards beschikbaar, echter kan een andere diagnostische test worden verkozen boven een gouden standaard omdat de diagnostische test minder invasief of eenvoudiger is. Een ideale test heeft een hoge sensitiviteit en specificiteit. De sensitiviteit voor het diagnosticeren van dentinecariës op een bitewing-opname is 0.36 – 0.56 (Schwendicke et al., 2015). Ook is er weinig overeenstemming tussen verschillende beoordelaars (gemiddelde Cohen’s kappa 0.21) in het beoordelen van panorama-opnamen op parodontale en periapicale afwijkingen (Caballero et al., 2017). Met behulp van Artificial Intelligence kan de sensitiviteit en overeenstemming tussen beoordelaars verhoogd worden.

In te toekomst wordt het mogelijk om röntgenbeelden automatisch te analyseren. Op dit moment werkt Promaton aan een programma waarmee panorama-opnamen automatisch kunnen worden geanalyseerd. Het programma is al in staat om elementen en tandheelkundige materialen zoals restauraties, wortelkanaal vullingen, kronen en bruggen, implantaten en wortelresten te herkennen. Dit wordt momenteel uitgebouwd naar de automatische detectie van cariës, periapicale laesies en non-dentale pathologieën (cystes en bottumoren) en de metingen van botniveaus op peri-apicale röntgenfoto’s. De diagnostische accuratesse (F1-score) van dit programma is gelijk aan die van artsen (0.9).

Automatisch segmenteren en classificatie van de essentiële structuren uit CBCT-scan en optische tandscans

Daarnaast wordt er op wereldwijde schaal gewerkt aan het automatisch segmenteren en classificatie van de essentiële structuren (kaakbot, tanden, canalis mandibularis) uit een CBCT-scan en optische tandscans. Dit kan worden toegepast in de behandelplanning voor orthodontie en implantologie. Deze toepassingen voor de orthodontie en implantologie kunnen er voorzorgen dat de huidige virtuele behandelsimulaties, zoals toegepast voor clear aligners of guided implantologie, geautomatiseerd en sterk vereenvoudigd kunnen worden. Een andere toepassing op dit gebied is een geautomatiseerde cephalometrische analyse op laterale schedelprofielopnamen.

Artificial Intelligence is niet eenvoudig. De dentale image data bevat complexe ziektebeelden, en het ziektebeeld neemt slechts een klein deel van de data in beslag. De data moet daarnaast worden gevalideerd door een dental professional. Om de diagnostische accuratesse te verbeteren, zijn grote datasets nodig. Deze uitdagingen nemen we mee naar de toekomst.

Literatuur

Anssari Moin, D., Hassan, B., Mercelis, P., & Wismeijer, D. (2013). Designing a novel dental root analogue implant using cone beam computed tomography and CAD/CAM technology. Clinical Oral Implants Research, 24, 25-27.

Caballero A. D., Arenas Y. H., & Acosta S. M. (2017). Inter-examiner concordance in the assessment of periodontal findings by means of panoramic X-rays. Revista Odontológica Mexicana, 21, 98-102.

Schwendicke, F., Tzschoppe, M., & Paris, S. (2015). Radiographic caries detection: a systematic review and meta-analysis. Journal of Dentistry, 43(8), 924-933.

Verweij, J. P., Jongkees, F. A., Moin, D. A., Wismeijer, D., & Van Merkesteyn, J. P. R. (2017). Autotransplantation of teeth using computer-aided rapid prototyping of a three-dimensional replica of the donor tooth: a systematic literature review. International Journal of Oral and Maxillofacial Surgery, 46(11), 1466-1474.

Verweij, J. P., van Westerveld, K. J., Moin, D. A., Mensink, G., & van Merkesteyn, J. R. (2019). Autotransplantation With a 3-Dimensionally Printed Replica of the Donor Tooth Minimizes Extra-Alveolar Time and Intraoperative Fitting Attempts: A Multicenter Prospective Study of 100 Transplanted Teeth. Journal of Oral and Maxillofacial Surgery, 78(1), 35-43.

 

  1. David Anssari Moin, tandarts-implantoloog en oprichter van het bedrijf Promaton Artificial Intelligence.

Verslag voor dental INFO door Joey de Boer, Thierry Roseboom en Hanneke den Uil, derdejaars masterstudenten tandheelkunde aan ACTA, van de lezing van dr. David Anssari Moin, tijdens het Wintersymposium van de Nederlandse Vereniging voor DentoMaxilloFaciale Radiologie (NVDMFR)

Lees ook:
Artificial Intelligence in de medische diagnostiek

Artificial Intelligence in de maatschappij

Lees meer over: Congresverslagen, Kennis, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Röntgenstraling verhoogt risico kanker

Tandheelkundige röntgenstraling verhoogt misschien risico op kanker

Herhaalde blootstelling aan straling gebruikt om tandheelkundige röntgenfoto’s te maken houdt verband met een verhoogd risico op schildklierkanker en meningeoom. Een onderzoeksteam van Brighton and Sussex Medical School concludeerde dit na een meta-analyse van ruim 5.500 publicaties.

Toename in aantal diagnoses

Meningeoom is een tumor van de weefsellagen rondom het brein en de ruggengraat. In het Verenigd Koninkrijk worden per jaar ongeveer 3.500 nieuwe gevallen van schildklierkanker vastgesteld, en 1.850 van meningioom. De afgelopen 30 jaar zijn deze aantallen in veel landen gegroeid. Voor het eerste geval is dit grotendeels te verklaren door extra toezicht, screening en overdiagnose, maar onderzoekers geloven dat andere oorzaken ook moeten worden onderzocht.

Klein verhoogd risico al van belang

Blootstelling aan ioniserende straling is de enige bewezen milieurisicofactor voor deze ziektes. Tandheelkundige röntgenstraling is een van de meest voorkomende diagnostische stralingsbronnen van de algemene bevolking. Daarom zou zelfs een kleine verhoging van het risico op kanker door deze bron van aanzienlijk belang zijn voor de volksgezondheid.
Om bovenstaande te onderzoeken, werd een meta-analyse van retrospectieve casestudies gedaan. Hierbij werden 5.537 relevante publicaties gevonden, waarvan 26 studies met 10.868 kankerpatiënten in beschouwing werden genomen.

Verhoogd risico op schildklierkanker en meningioom

Gebaseerd op deze studies werd een statistisch significant verhoogd risico op schildklierkanker en meningeoom geconstateerd, na meerdere of herhaaldelijke blootstelling aan tandheelkundige röntgenstraling. Volgens de onderzoekers geeft dit genoeg bewijs om verder onderzoek te rechtvaardigen.
Het onderzoeksteam zegt wel dat er voorzichtig met de resultaten moet worden omgegaan. De studies bevatten namelijk geen individuele orgaandoses of leeftijden tijdens de blootstelling, en kunnen dus bias en andere beperkingen bevatten.

Blootstelling aan straling moet worden teruggedrongen

Gebaseerd op het resultaat adviseren de onderzoekers om het maken van röntgenfoto’s niet standaard te laten zijn bij intakegesprekken van nieuwe patiënten en routinecontroles. Patiëntdossiers zouden moeten worden overgedragen om de noodzaak van nieuwe foto’s maken te voorkomen. Op deze manier zou de blootstraling aan straling zoveel mogelijk kunnen worden teruggedrongen.

Bron:
Thyroid

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Stralingsbescherming

Stralingsbescherming: röntgenfoto’s door de mondhygiënist

In de mondzorg worden regelmatig röntgenfoto’s gemaakt. Deze handeling is conform de wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (wet BIG) voorbehouden aan medisch deskundigen. In de tandheelkunde zijn dit de BIG-geregistreerde tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen. Met het experiment taakherschikking dat dit jaar start komen daar de mondhygiënisten bij. Een overzicht van de taken en verantwoordelijkheden voor stralingsbescherming.

Experiment met taakherschikking mondhygiënisten

Mondhygiënisten kunnen in een vijf jaar durend experiment met taakherschikking in aanmerking komen om zelfstandig primaire caviteiten te boren, verdovingen toe te dienen en röntgenfoto’s te maken. Dit artikel richt zich uitsluitend op de voorbehouden handeling: het maken van röntgenfoto’s. De verwachte datum van inwerkingtreding van dit experiment is 1 juli 2020.

Registratie

Om röntgenfoto’s te mogen maken moet een registratie zijn verleend door de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). In deze registratie staat vermeld welke handelingen mogen worden uitgevoerd, met welk(e) toestel(len) en op welke locatie. De voorschriften die aan deze registratie zijn verbonden zijn beschreven in de ANVS-verordening basisveiligheidsnormen stralingsbescherming (Vbs).

Taken en verantwoordelijkheden

De ondernemer (praktijkeigenaar) blijft eindverantwoordelijkheid voor de handelingen met röntgenstraling, maar delegeert bijbehorende taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden vaak naar een toezichthoudend medewerker stralingsbescherming in de tandheelkunde (TMS-THK), zoals bedoeld in artikel 5.7 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming (Bbs). Hij mag deze rol ook zelf vervullen, mits hij de opleiding tot TMS-THK (basis) succesvol heeft afgerond.
De TMS-THK ziet erop toe dat de handelingen binnen de onderneming op veilige wijze worden uitgevoerd en dat wet- en regelgeving wordt nageleefd. De taken waarvoor de TMS-THK verantwoordelijk is, staan beschreven in artikel 7.2 van het Bbs.

Daarnaast dient de ondernemer een overeenkomst te hebben met een bij de ANVS geregistreerde stralingsbeschermingsdeskundige (SBD), zoals bedoeld in artikel 5.4 van het Bbs. Het register van stralingsbeschermingsdeskundigen kunt u hier bekijken. De taken van deze SBD staan beschreven in artikel 7.1 van het Bbs. Eén van de belangrijkste taken van deze SBD is het beoordelen van de risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E).

Bij het optimalisatieproces, waarbij de stralingsdosis voor de patiënt zo laag mogelijk gehouden wordt bij acceptabele beeldkwaliteit, moet ook een klinisch fysicus betrokken zijn. Meestal loopt deze betrokkenheid via de SBD.
Tot slot is er nog de medische verantwoordelijkheid van de mondhygiënist onder wiens medische verantwoordelijkheid de röntgenfoto’s worden gemaakt en beoordeeld. Hiervoor is een succesvolle afronding van de opleiding tot TMS-THK (basis) een vereiste.

De risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E)

De RI&E moet minimaal door een SBD worden beoordeeld, maar omdat het opstellen hiervan dermate specialistisch is, stelt de SBD deze over het algemeen zelf op. De inhoud van de RI&E is beschreven in bijlage A van de Regeling stralingsbescherming beroepsmatige blootstelling 2018.

Kernenergiewetdossier

Alle zaken met betrekking tot stralingsbescherming worden door de TMS-THK bijgehouden in een kernenergiewetdossier, waarin onder andere de volgende gegevens zijn vastgelegd: locatiegegevens, de registratie, onderhoudscontracten van toestellen, rapporten van acceptatietesten en kwaliteitscontroles van toestellen, een beschrijving van de stralingsbeschermingsorganisatie, aanwijsbrieven van de TMS-THK en de SBD en jaarverslagen stralingsbescherming.

Door:
Michel Koster van NRG. NRG verzorgt TMS-THK-opleidingen in samenwerking met NVM-mondhygiënisten, inschrijving via NVM-mondhygiënisten/educatie. Ook verzorgt NRG regelmatig opfriscursussen stralingsbescherming voor tandartsen in samenwerking met de KNMT en biedt NRG een e-learning aan voor assistenten in de mondzorg.

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
artificial-intelligence-in-de-zorg

Artificial Intelligence in de medische diagnostiek

Henk Marquering, van oorsprong geofysicus en gepromoveerd binnen de seismische tomografie, ontwikkelde vanuit de geofysica belangstelling voor computermodellen. Na te hebben gewerkt aan beeldbewerking bij Canon werd de stap naar de medische sector gemaakt waar hij zich tot op heden binnen de afdeling radiologie bezighoudt met A.I. in de medische diagnostiek. Op het wintersymposium van de NVDMFR gaf hij een lezing over zijn werkgebied.

Start digitalisering in radiologie

Radiologie is een van de medische gebieden waar digitalisering als eerste plaatsvond. Volume-rendering is hier een goed voorbeeld van waarbij er een 3D volume wordt gemaakt van meerdere 2D afbeeldingen, bij onder andere computertomografie (CT) en magnetische resonantie imaging (MRI). Segmentatie is een ander voorbeeld waarbij men dankzij digitalisering, specifieke organen uit een afbeelding kan extrapoleren. Maar ook kwantificatie van ziektes is hedendaags mogelijk middels complexe analyse van databases door modellen en algoritmes die zich met zogenoemde Deep Learning bezighouden. Een goed voorbeeld van kwantificatie is een CT-beeld van een hart. Door volume rendering en extrapolatie is het coronaire systeem te visualiseren, te kwantificeren en te classificeren, waarbij de ernst van gecalcificeerde plaques en stenoses in kaart kan worden gebracht.

Reeds vanaf 1956 tot 1974 probeerde men door analyse van het brein inzicht te krijgen in de werking van een neuron. Dit resulteerde in 1958 in de eerste computersimulatie van neurale activiteit. A.I. heeft in de jaren daarna een wisselende aandacht gekregen. Door episodes van gebrek aan financiële middelen en computerrekenkracht heeft de ontwikkeling van A.I. lange tijd stilgelegen, waarbij in 1980 en 2010 er 2 maal een “booming wave” heeft plaatsgevonden. In de loop der tijd is de Artificial Intelligence (A.I.) doorontwikkeld van Machine Learning, waarbij bijvoorbeeld beelden automatisch worden geanalyseerd door middel van rendering en segmenteren, naar Deep Learning.

Deep Learning technologie

Deep Learning is niet het stimuleren van een enkel neuron, maar de interactie tussen verschillende neuronen en het effect op bijvoorbeeld gedachten, acties en reacties in het menselijk brein. De introductie van meerdere lagen, oftewel Deep Learning, in de A.I. zal resulteren in het beter uitvoeren van opdrachten. De computer zal dus in staat zijn om beelden te interpreteren zoals de mens ze ook kan interpreteren door meerdere lagen aan informatie te combineren. Ga je verschillende kenmerken per laag aan elkaar koppelen dan kunnen objecten worden herkend. In het humane brein gebeurt dit bij het herkennen van bijvoorbeeld een neus of een oog. Gezichtsherkenning en autonome auto’s, zoals Tesla deze op de markt heeft gebracht, zijn hedendaagse voorbeelden van Deep Learning technologie.

Stroomversnelling

Door de financieel lucratieve en groeiende computergame industrie en dankzij de komst van volume rendering-games, waar sterke grafische kaarten voor nodig zijn, is de A.I. in de medische wereld ook in een stroomversnelling geraakt. Dankzij deze krachtige grafische kaarten en in combinatie met nieuwe algoritmes, kunnen we nu ook complexe berekeningen uitvoeren in de medische beeldvorming. A.I. is in de radiologie met name geschikt vanwege grote hoeveelheden aanwezige digitale datasetsheets waarbij het analyseren vaak repetitief is en makkelijk uit handen kan worden genomen door computers. A.I kan worden ingezet bij het screenen van patiënten, tijdens de reconstructie van beelden en het verbeteren van de kwaliteit, maar ook het segmenteren en kwantificeren van beeldmateriaal en ten slotte het classificeren ervan om vervolgens een prognose te geven behoren tot de mogelijkheden.

Voorbeelden van A.I.

Een techniek om MRI-beelden sneller te reconstrueren door niet alle frequenties te analyseren maar enkel de frequenties waarin de structuren c.q. weefsels van belang worden afgebeeld wordt inmiddels mogelijk gemaakt door A.I.

Een ander voorbeeld is CT-beeld synthese tijdens een Calciumscore scan in het kader van coronaire aderverkalking. Door het toepassen van dosisreductie en zodoende minder stralingsbelasting is er sprake van een toename van ruis in de beeldvorming waardoor het kwantificeren van kalkafzetting in de coronaire arteriën niet meer mogelijk is. A.I. zorgt ervoor dat er wordt geleerd hoe het beeld eruit had moeten zien als er met een hogere dosering zou zijn gescand. Met een lage dosering straling simuleer je vervolgens het beeld waarbij een hogere stralingsbelasting werd toegepast. Zodoende is de beeldkwaliteit net zo goed om een goede coronaire calcium score te bepalen met minder stralingsbelasting voor de patiënt.

Bij andere patiëntengroep met bijvoorbeeld een cerebrale tumor wordt vaak zowel een MRI als een CT-scan gemaakt. MRI brengt voornamelijk de weke delen goed in kaart en de CT-scan wordt vaak gemaakt om een planningen voor radiatie therapie te bepalen. A.I kan worden ingezet om vanuit MRI-beelden te leren hoe de CT-beelden eruit moeten komen te zien; wederom CT-beeld synthese. De CT-scan is zodoende niet meer nodig bij deze categorie patiënten.
Op het gebied van beroertes, de ischemische- en hemorragische CVA, heeft Henk Marquering ook veel onderzoek verricht. De hoeveelheid bloed in een brein na een subarachnoïdale bloeding (SAB) op een CT-scan wordt onder andere bepaald aan de hand van de Fischer Grade (1-4), waarbij graad 1 geen bloed en graad 4 bloed in de ventrikels weergeeft. De mate van de hoeveelheid bloed in een CT-scan na subarachnoïdale bloeding valt mogelijk beter te kwantificeren. Bloed is echter niet makkelijk te herkennen door een computer middels segmentatie. Dankzij een Deep Learning algoritme leert een computer zelf of een voxel (3D pixel) bloed of geen bloed is. Dit resulteerde reeds binnen 48 uur in een algoritme dat even goed functionerende als de ‘’ouderwetse’’ GOFAI (Good Old Fashion A.I.) die voor de segmentatie werd gebruikt. Aan de hand van de hoeveelheid subarachnoïdaal bloed, zichtbaar op CT-beelden, is er een goede voorspelling te doen met betrekking tot de prognose van de patiënt. Het bepalen van het infarct volume, zeker een paar dagen na beroerte, is lastiger. Deep Learning is hier van toegevoegde waarde om een goede segmentatie te bewerkstellingen die tevens snel, accuraat, objectief en kwantitatief is.

Voorspellen

Nog complexer wordt het om te voorspellen of de patiënten op later tijdstip een infarct zal krijgen, de zogenoemde Delayed Cerebral Infarction (DCI). Dit geeft de mogelijkheid om het beleid na een beroerte te voorspellen en of een patiënt Intensive Care behoeftig wordt of met een betere prognose al dan niet naar huis zou kunnen gaan. Een patiënt zal voorlopig in de huidige medische wereld nog niet worden ontslagen enkel na analyse van computerbeelden.

Echter, Deep Learning technologie, waarbij de positieve en negatieve voorspellende factoren met betrekking tot de prognose worden weergegeven, brengt de specialist een stapje dichterbij in de interpretatie van de beeldvorming.

Naast de reeds bestaande trombolyse behandeling bij een ischemisch CVA, heeft de komst van endovasculaire trombectomie als therapie de prognose van de patiënt sterk verbeterd. De effectiviteit van trombectomie is echter afhankelijk van de trombus karakteristieken. Sommige trombi vallen makkelijk uit elkaar en andere trombi zijn juist heel stevig en elastisch, dit is onder andere afhankelijk van de mate van fibrine en/of hoeveelheid trombocyten. Het is echter niet eenvoudig om een trombus te vinden in CT-beelden omdat er nagenoeg geen contrast komt ter plaatse waar de trombus zich bevindt. Je kunt de trombus dus op CT-angio karakteriseren door afwezigheid van contrast op de plek van de trombus en in het achterliggende stroomgebied. Door gebruik te maken van anatomische symmetrie in de beeldvorming is het echter ook mogelijk om middels Deep Learning een trombus te visualiseren. A.I. kan daarbij bijdragen aan de beeldvorming van met het blote oog moeilijk definieerbare trombi.

Tot slot; nadere A.I.-detailanalyse van CT-angio beelden vertoonden min of meer als toevalsbevinding dat een trombus toch in zekere mate permeabel zou zijn voor contrastvloeistof. Dit was echter uit klassieke CT-angio beeldvorming nog niet eerder aangetoond. Deze zogenoemde ‘’thrombus perviousness’’ vertoonde een correlatie met de prognose van de patiënt. Uit kwantitatieve analyse van deze beelden bleek tevens dat patiënten met een voor contrastvloeistof permeabele trombus een drie keer zo gunstige prognose zouden hebben ten opzichte van patiënten met een niet-permeabele trombus.

Henk Marquering, Amsterdam UMC, locatie AMC, Universitair Hoofddocent afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde.

Verslag voor dental INFO door Joey de Boer, Thierry Roseboom en Hanneke den Uil, derdejaars masterstudenten tandheelkunde aan ACTA, van de lezing van Henk Marquering, tijdens het Wintersymposium van de Nederlandse Vereniging voor DentoMaxilloFaciale Radiologie (NVDMFR)

Lees ook: Artificial Intelligence in de maatschappij

Lees meer over: Congresverslagen, Kennis, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z

Artificial Intelligence in de maatschappij

Waar in onze maatschappij wordt A.I. al toegepast? Hoe werkt A.I. en welke invloed heeft A.I. op de toekomst van onze maatschappij? Welke manieren zijn er om een kunstmatige intelligentie te trainen? Hoe start je een project waarbij je A.I. gaat toepassen en waar moet je rekening mee houden? Verslag van de lezing van drs. Koen Klein Willink, innovation manager NN Group Finance, datascience expert, tijdens het wintersymposium van de NVDMFR.

The future is now

Artificial intelligence is overal te zien. Van SIRI op je smartphone tot zelfrijdende auto’s. Netflix weet welke filmgenres je leuk vindt op basis van je kijkgedrag en geeft suggesties voor nieuwe films of series die jij waarschijnlijk ook leuk vindt. Facebook past dit principe ook toe in vorm van reclame en mensen die je misschien kent. Er zijn robots gemaakt die d.m.v. A.I. met elkaar voetballen. Gezichtsherkenning wordt wereldwijd toegepast. In China zijn ze al zo ver hiermee dat bij elk gezicht direct de gegevens over die persoon worden weergegeven. Emoties worden afgelezen van de gezichten van vliegtuigpassagiers om mensen die zich verdacht gedragen uit de menigte te pikken voor controle op het smokkelen van verboden middelen. In Chinese basisscholen kunnen ze de hersenactiviteit meten bij de schoolkinderen tijdens de lessen en aan de hand daarvan kan A.I. detecteren of iemand wel of niet oplet. De snelle ontwikkeling van A.I. boezemt bij veel mensen angst in. Het biedt echter een toekomstperspectief waaruit veel te halen valt. Er zijn veel voorbeelden waarin de mens samen met de machine tot betere resultaten kan komen dan alleen de mens. De toekomst van A.I. is nu en het zal niet lang meer duren voordat het zijn intrede maakt in de tandheelkunde.

Data Science, machine learning en deep learning

Data is overal om ons heen. Wat is data science? Het is een vakgebied waar wiskunde en statistiek, computerwetenschappen en IT, en domein- en zakenkennis bij elkaar komen.

Er zijn vier niveaus voor het analyseren van data:
1. Beschrijvende analyse: wat is er gebeurd?
2. Diagnostische analyse: waarom is het gebeurd?
3. Voorspellende analyse: wat zal er gebeuren?
4. Voorschrijvende analyse: wat moet je doen zodat het gebeurd?
Deze analyses zijn in volgorde van toenemende moeilijkheid gerangschikt.

Voor de voorspellende en voorschrijvende analyse gebruiken data scientists artificial intelligence modellen. Artificial intelligence nam zijn intrede in de samenleving in de jaren 50. A.I. is een techniek die computers gebruikt menselijke intelligentie na te bootsen, gebruik makend van als-dan regels, beslisbomen en machine learning. Machine learning is een subgroep van A.I. Binnen deze categorie valt ook deep learning. Deep learning bestaat uit algoritmen die toestaan dat software zichzelf traint in het uitvoeren van taken, zoals spraak en beeldherkenning. Er wordt kort uitleg geven van de belangrijkste begrippen: machine learning vs deeplearning, supervised learning vs unsupervised learning and reinforcement learning.

Hoe start je een data science project?

Data science projecten zijn op te delen in een aantal deelvragen. Bij aanvang van een data science project is het raadzaam om een globaal beeld te vormen van de volgende vragen:
– Welk probleem wil je oplossen?
– Hoe wil je eventuele resultaten gebruiken/toepassen?
– Welke data heb je precies nodig om het probleem op te lossen?
– Hoe kun je de data verzamelen die je nodig hebt
– Wat zijn de modellen die je toe kan passen
– Hoe definieer je succes waarop kun je de resultaten evalueren

In data science is veel mogelijk. Dit kan zorgen voor juridisch en moreel ethische dilemma’s. Drie simpele vragen helpen om, voorafgaand aan een data science, hier grip op te krijgen. 1) Kan het vanuit de techniek 2) past het binnen het juridisch kader en 3) de belangrijkste vraag wil ik hier aan bijdragen?

Belang van de gouden standaard

Bij alle statische modellen en ook bij machine learning en deep learning is er een belangrijke regel: “garbage in = garbage out”

Een voorbeeld uit de medische praktijk: bij een onderzoek naar huidkanker hebben de onderzoekers gebruik gemaakt van deep learning om huidkanker te herkennen. Tijdens het testen van de tool bleek dat er geen enkel geval van huidkanker was geconstateerd. Wat bleek? De vlekken die huidkanker waren werden gefotografeerd met een optische geprojecteerd meetlat ernaast zodat te zien was hoe groot deze was. Bij alle vlekken die geen kanker waren was dit niet gedaan. De machine had dus geleerd dat een meetlat bij een vlekje betekent dat het huidkanker was. Om tot bruikbare en betrouwbare uitkomsten te komen moet er gebruik worden gemaakt van een correcte gouden standaard.

Is goed, goed genoeg?

Tot slot geeft de spreker aan dat succes van machine learning modellen nog lastig te bepalen is: wanneer is goed goed genoeg? Wanneer kunnen modellen in praktijk worden gebruikt? Moeten modellen hiervoor net zo goed kunnen voorspellen als (medische) professionals of moet dit veel beter zijn?

De worsteling met het vinden van de gouden standaard en de vraagstelling wanneer diagnostische voorspelmodellen “goed genoeg” zullen zijn, zal in de tandheelkunde zeker aan de orde komen. Voor nu geeft drs. Klein Willink mee aan de zaal om zelf te experimenteren met data science projecten om hier een beter beeld bij te kunnen vormen. De modellen zijn vrij beschikbaar, data is er te over dus: “go out and play!”

drs. Koen Klein Willink, innovation manager NN Group Finance, datascience expert.

Verslag voor dental INFO door Joey de Boer, Thierry Roseboom en Hanneke den Uil, derdejaars masterstudenten tandheelkunde aan ACTA, van de lezing van drs. Koen Klein Willink, tijdens het Wintersymposium van de Nederlandse Vereniging voor DentoMaxilloFaciale Radiologie (NVDMFR)

Lees meer over: Congresverslagen, Kennis, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
NWVT TandartsPraktijk Master Scriptieprijs 2019 - Digitale occlusieregistratie

NWVT TandartsPraktijk Master Scriptieprijs 2019: Digitale occlusieregistratie

Op 3 oktober is de NWVT – TP Master Scriptieprijs 2019 uitgereikt aan Suze de Boer, oud student RU Nijmegen voor haar master scriptie: Digitale Occlusieregistratie. Een pilotstudie naar de validiteit van de occlusieregistratie met de TRIOS intra-orale scanner.

Digitale occlusieregistratie: een pilotstudie naar de validiteit van de occlusieregistratie met de TRIOS intra-orale scanner

Met een intra-orale scanner kan een occlusieregistratie worden uitgevoerd. Validiteit van de occlusieregistratie en hoe deze zich verhoudt tot bekende huidige technieken, het articulatie papier en de T-Scan, is onbekend.

Doel

Inzicht verkrijgen over de validiteit van informatie die de TRIOS geeft over occlusie.

Methode

Vijf occlusieregistraties met drie verschillende occlusieregistratietechnieken (TRIOS, T-Scan, articulatie papier) zijn uitgevoerd op twaalf gebitsmodellen in articulatoropstelling. De onderlinge beelden zijn vergeleken op gebitselement niveau. Een correlatie tussen de TRIOS en articulatie papier is getoetst middels de Spearman rang correlatie toets. Een overeenstemming tussen de TRIOS en T-Scan is getoetst middels een succespercentage en Cohen’s kappa.

Resultaten

De Spearman rang correlatie toets laat een significante, matige tot redelijke positieve correlatie zien: rs = 0.585, p < 0,05. De resultaten van het succespercentage laten een overeenstemming zien van 37,5% (95% BI, (17,05%, 57,95%)). Cohen’s kappa demonstreert geen tot een geringe overeenstemming: κ = 13,1% (95% BI, (-2%, 38%)).


Discussie

Occlusieregistratie middels de TRIOS lijkt een beeld te verschaffen vergelijkbaar met articulatiepapier maar verschaft waarschijnlijk geen informatie over de het zwaarst belaste gebitselement. Reproduceerbaarheid van de onderlinge registratietechnieken is ter discussie gesteld.

Conclusie

Een positieve matige tot redelijke correlatie is vastgesteld tussen de grootte van het markeringsoppervlak van de TRIOS en het articulatiepapier. Geen overeenstemming is gevonden tussen de TRIOS en de T-Scan betreffende het aanwijzen van het zwaarst belaste gebitselement

Begeleiders: dr. C.M. Kreulen en drs. A.J. de Rijk.

Beoordeling door jury

De jury waardeert de winnende scriptie van Suze de Boer vooral vanwege de grondige analyse van de resultaten en de goede tekstuele samenhang. Het door Suze getoonde niveau van kennis en inzicht was bovendien zeer hoog.

Tweede prijs

De tweede prijs is uitgereikt aan Rosemarijn Muijen (RU Nijmegen) voor haar master scriptie: Het verloop van pathologische gebitsslijtage bij patiënten zonder behandelwens.

Derde prijs

De derde prijs is uitgereikt aan Özgür Karaoğlu: The Effect of Indirect Pulp Treatment and Pulpotomy on the Survival of Primary Molars

 

De Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT) heeft in samenwerking met TandartsPraktijk de jaarlijkse NWVT-TP master scriptieprijs ingesteld. Masterscripties vanuit de Faculteit der Tandheelkunde in Amsterdam (ACTA), Nijmegen (Radboud UMC) en Groningen (UMCG) dingen mee naar deze prijs. De jury heeft de inzendingen beoordeeld op geschiktheid en relevantie voor de tandarts algemeen practicus.

 

Foto: Suze de Boer©

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
MRI scans als hulp bij identificatie gebitsbreuken

MRI scans als hulp bij identificatie gebitsbreuken

Nieuw onderzoek heeft gekeken naar of MRI scans gebruikt kunnen worden voor het identificeren van wortelscheuren en breuken in de tanden. Dit werd gedaan door resultaten van MRI scans te vergelijken met CBCT scans.

MRI vs. CBCT scans

Nieuwe 3D beeldvormingsmodaliteiten, zoals CBCT beelden, kunnen helpen bij het detecteren van wortelscheuren en breuken. De resultaten van eerdere studies hiernaar wisselen echter. Daarnaast vergen de modaliteiten een lange scantijd en veel radiatie om een beeld te kunnen vormen. MRI zou een goed alternatief kunnen vormen om deze breuken te identificeren, zonder ioniserende radiatie. Om dit te onderzoeken wilden de onderzoekers van de University of Minnesota School of Dentistry in Minneapolis kijken of zij de gevoeligheid en specificiteit van MRI scans voor het detecteren van wortelscheuren en breuken in vergelijking met CBCT scans.

Het onderzoek

Om dit te doen koppelden de onderzoekers 29 volwassen tanden, getrokken na een klinische diagnose van een wortelscheur of breuk, aan hetzelfde aantal controle tanden. Deze werden vervolgens gescand met een 4-tesla 90 cm boor vol lichaamssysteem MRI en een ex vivo limited field-of-view CBCT apparaat. Een panel beoordeelde vervolgens de verschillende beelden.

Vergelijkbare resultaten

De resultaten toonden aan dat MRI vergelijkbaar is met CBCT scans wat betreft het meten van gevoeligheid en specificiteit rondom scheuren en breuken in tanden. Op basis hiervan kan MRI niet per definitie worden aangeraden als vervangende scan voor bijvoorbeeld CBCT beelden. Wel kan het raadzaam zijn om MRI scans te gebruiken om de beelden bij te staan en te controleren. Mocht de technologie rondom MRI scans verder vorderen dan zou dit echter zeker kunnen veranderen.

Bron:
Journal of Endodontics 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
https://www.dentalinfo.nl/thema-a-z/rontgen-digitale-tandheelkunde/modjaw-jaw-motion-tracker-system/

MODJAW: Jaw motion tracker system

Voor het probleem met de beetregistratie is het MODJAW systeem ontwikkeld. Dit is een digitaal systeem voor het bepalen van de kaakbewegingen. Nadat het systeem de bewegingen vastgelegd heeft, produceert het een generated surface. Dit is gelijk aan het pad dat de mandibula volgt bij articulatie. Eigenlijk is dit te vergelijken met de envelope of function.

Bij het uitvoeren van een complexe en uitgebreide behandeling is het vaak lastig om de relatie tussen de onder-  en de bovenkaak te bepalen, terwijl bij lokaal functieverlies het makkelijk is om gebruik te maken van een aantal vaste punten die niet aangetast zijn. Wanneer er echter sprake is van verlies van beethoogte of als er elementen verloren zijn, verliezen we ook deze referentiewaarden.

Tegenwoordig wordt voor uitgebreide rehabilitatie casussen regelmatig gekozen voor monolytisch zirkonium.  Door het monolytisch karakter worden bij het gebruik van dit materiaal fouten in de beetregistratie niet vergeven. Er zal geen stukje afchippen zoals bijvoorbeeld bij metaal porselein, maar ergens in de constructie zal een breuk optreden.

Dat is de reden dat de beetbepaling  hierbij extra belangrijk is. Veel patiënten hebben geen hele stabiele occlusie en kunnen niet altijd de juiste beet vinden.

MODJAW systeem

Voor het probleem met de beetregistratie is het MODJAW systeem ontwikkeld. Dit is een digitaal systeem voor het bepalen van de kaakbewegingen. Nadat het systeem de bewegingen vastgelegd heeft, produceert het een generated surface. Dit is gelijk aan het pad dat de mandibula volgt bij articulatie. Eigenlijk is dit te vergelijken met de envelope of function.

Uit dit generated surface blijkt vaak dat articulatie naar links en rechts asymmetrisch is. Dit is iets wat vaak ook terug komt in de kauwfunctie. We weten uit de literatuur dat wanneer sprake is van frontgeleiding tijdens het kauwen, dit vaak pijnklachten oplevert. Daarom vermijden patiënten frontcontact ook zo veel mogelijk tijdens het kauwproces. De kiezen daarentegen zijn met name gemaakt om deze kauwfunctie op zich te nemen.

Extra onderzoek

Deze bevindingen werden ondersteund door een extra onderzoek uitgevoerd door Bassam Hassan. Hierbij werden patiënten, terwijl ze in een fMRI scanner lagen, gevraagd om dicht te bijten: eerst op de voortanden, daarna op de cuspidaten en vervolgens op de premolaren. Er bleek dat verschillende regio’s van het brein gestimuleerd werden bij het bijten op verschillende elementen.

Figuur van Possel

Daarnaast is het middels het MODJAW systeem ook mogelijk om een figuur van Possel te maken en kan gecontroleerd worden hoe dit patroon tot stand komt. Interferenties kunnen zo opgespoord worden en verholpen.

Mocht het nodig blijken om de beet te verhogen om deze interferenties  te voorkomen dan moet dit altijd dusdanig gedaan worden dat de condylus zich nog in een positie van rotatie en niet van translatie bevindt.

Scans samenvoegen

Een laatste handige optie is dat het ook mogelijk is om twee scans samen te voegen. Zo kan een combinatie gemaakt worden van een scan voordat de preparaties gemaakt zijn en een scan van de situatie daarna. Zo is het digitaal mogelijk om het ontwerp te testen.

Dit onderzoeksgebied is nog geen onderdeel van de evidence based tandheelkunde, maar het is een new field of study.

Cursus over deze technologie

Als u zich meer wilt verdiepen in deze technologie dan kunt u op 6 en 7 juni de 4D dentistry Course in Amsterdam volgen.

 

Dr. Bassam Hassan is een tandarts gespecialiseerd in orale implantologie, prothetische en restauratieve tandheelkunde. Hij studeerde als tandarts af aan de Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA) en hij heeft zijn PhD naar de digitale implantologie planning m.b.v. CBCT aan de vrije universiteit te Amsterdam behaald. Hij beschikt tevens over een master diploma in orale diagnostiek van de katholieke Universiteit Leuven en over een master In Prosthodontics van de Universiteit van Wenen, Oostenrijk. Hij is parttime verbonden als gast hoogleraar prothetiek aan UCM Universiteit te Madrid en Medische Universiteit Wenen. In de afgelopen 12 jaar heeft hij meer dan 50 publicaties in geciteerde internationale tijdschriften geproduceerd en hij heeft meer dan 70 voordrachten in het binnen en buitenland gehouden. In 2017 heeft hij de eerste prijs bij de Europese vereniging van prosthodontie voor zijn onderzoek naar de digitale implantaten planning van edentate patiënten gewonnen.

Verslag voor dental INFO door tandarts Paulien Buijs van de lezing van dr. Bassam Hassan tijdens het NVVRT-congres Resto meets ortho.

Lees meer over: Congresverslagen, Kennis, Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
CBCT beelden bieden meeste nauwkeurigheid

CBCT beelden bieden meeste nauwkeurigheid

Onderzoekers hebben bestudeerd of een panoramisch radiografisch beeld voldoende is voor een accurate diagnose, of dat hier een cone-beam CT (CBCT) beeld voor nodig is. Ook werden er andere aspecten bestudeerd om een beter beeld te krijgen van de nauwkeurigheid van diagnostische beelden.

CBCT beelden in tandheelkunde

Desondanks het feit dat er relatief veel onderzoek is naar de nauwkeurigheid van CBCT beelden is er weinig informatie over hoe deze beelden worden gebruikt door tandartsen. Josipa Radic en haar team van de University of Zurich Centre of Dental Medicine in Zwitserland besloten hier daarom onderzoek naar de doen, door de nauwkeurigheid can CBCT beelden te vergelijken met panoramische radiografische beelden en 3D geprinte modellen.

Tandartsen in opleiding

Om dit te doen verzamelden de onderzoekers 14 tandartsen in opleiding om negen geselecteerde zaken met verschillende pathologieën te evalueren. De helft van de toekomstige tandartsen specialiseerden zich in kaakchirurgie, de andere helft in orthodontie. Acht van hen waren vrouwen. De zaken die werden bestudeerd bevatten onder andere tandresorptie en tegengehouden tanden.

Panoramische, CBCT en 3D beelden

De panoramische radiografische beelden werden zowel intern (Cranex D, Soredex) als extern (geen fabrikant bekend) genomen. De CBCT beelden werden gemaakt met een 3D Accuitomo 170 systeem (J. Morita). De 3D modellen werden geprint met een Objet Eden 260V printer (Stratasys).

Elk van de 14 toekomstige tandartsen begon met het evalueren van de panoramische radiografische beelden. Vervolgens werd hen gevraagd of ze nog een CBCT scan wilden bekijken om een nauwkeurigere diagnose te kunnen geven. 81 procent van hen zei hier ja op. De orthodontisten in opleiden vonden de panoramische beelden vaker voldoende dan de kaakchirurgen. Hiernaast vroegen met name de tandartsen met minder dan vier jaar ervaring om de CBCT scan.

Nauwkeurigheid per beeld

Het bleek wel overduidelijk dat de CBCT beelden het meest nauwkeurig zijn. De 3D modellen bleken minder nauwkeurig dan de CBCT, maar meer nauwkeurig dan de panoramische beelden. De resultaten zijn te zien in deze tabel:

CBCT beelden bieden meeste nauwkeurigheid

Binnen dit onderzoek is het wel belangrijk om te beseffen dat slechts een aantal medische condities zijn onderzocht onder tandartsen in opleiding bij één universiteit. Hiernaast was het vragen om de CBCT scan een hypothetische situatie, en kwamen hier dus bijvoorbeeld geen kosten of blootstelling aan bestraling bij te pas.

Desondanks kan op basis van deze studie worden geconcludeerd dat CBCT scans een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan tandheelkundige diagnoses, aangezien deze beelden de meeste nauwkeurigheid geven.

Bron:
International Journal of Implant Dentistry

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
CBCT scan effectief voor het in beeld brengen van eerste molaren

CBCT scan effectief voor het in beeld brengen van eerste molaren

Het nauwkeurig bestuderen van fracturen in de eerste molaren is lastig, vanwege de lastige bereikbaarheid, technologische beperkingen of meetfouten. Uit nieuw onderzoek is echter gebleken dat een cone-beam CT scan (CBCT) nog wel eens een oplossing zou kunnen bieden voor deze problemen.

CBCT beelden versus parodontale sondering en röntgenfoto’s

Hoofdonderzoeker Wenjian Zhang, PhD aan de afdeling diagnostische en biomedische wetenschappen aan de University of Texas School of Dentistry in Houston, en zijn team vergeleken de resultaten van CBCT beelden, parodontale sondering en röntgenfoto’s van 83 patiënten (42 vrouwen, 41 mannen) met chronische parodontitis met elkaar.

Fracturering voorste kiezen

In het onderzoek werd gekeken naar de fracturering van de eerste molaren, wat gebeurt op het moment dat de parodontitis zorgt dat een deel van het bot in de tanden verloren gaat. Er werden drie categorieën voor fracturering gedefinieerd, variërend van weinig fractuering tot ernstige fracturering, resulterend in een tunnel.

Meer precisie en klinische informatie

De resultaten van het onderzoek tonen aan dat zelfs een verouderde versie van de CBCT scanner significant meer gedetailleerde klinische informatie over fracturering kan tonen dan de andere technieken. Daarnaast geeft de CBCT scan verreweg de meest nauwkeurige informatie, met een precisie tot wel 2 decimalen in millimeters. De röntgenfoto’s kunnen bijvoorbeeld slechts tonen of er een fractuur aanwezig is, niet hoe groot deze is.

CBCT scan effectief voor het in beeld brengen van eerste molaren

Beperkingen CBCT scan

Het gebruiken van CBCT scans heeft echter ook een aantal beperkingen. De auteurs raden daarom aan om CBCT scans met name voor complexe gevallen te gebruiken, waarbij de normaal gebruikte methoden niet genoeg informatie bieden.

Bron:
BMC Oral Health

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z
Accurate meting parodontale pockets met CBCT

Accurate meting parodontale pockets met CBCT

Normaal gesproken wordt de diepte van een parodontale pocket gemeten met een parodontale sonde. Door verschillende factoren is deze meting echter vaak niet precies. Om die reden werd onderzocht of het mogelijk is om deze pockets in beeld te brengen met een cone-beam CT (CBCT).

Huidige methode
De parodontale sondes waarmee de pockets normaal gesproken mee gemeten worden verschillen vaak erg per behandelaar. Dit doordat niet elke sonde dezelfde vorm en hoek heeft en de mate van ontsteking varieert. Daarnaast kan met een sonde ook geen 3D informatie over een pocket worden verschaft.

CBCT scan als alternatief
Daarom waren onderzoekers van de Dental College of Georgia aan de Augusta Universiteit benieuwd of een conventionele CBCT scan een alternatief zou kunnen bieden om deze pockets grondig te analyseren. Om dit te doen gebruikten ze een varkenskaak als model, met botverlies en chirurgisch gemaakte parodontale pockets, en een menselijk schedel met kunstmatige gingivitis, botverlies en pockets. De pockets werden ook gemeten met een sonde.

De pockets werden geïnjecteerd met een radiopaque microparticle filler, gemaakt van calcium tungstate in een glycerol-water oplossing. Vervolgens werden beelden gemaakt van de 12 pockets in de varkenskaak, en de 62 pockets in die van de mens. Aangezien de pockets kunstmatig waren gemaakt werden de pocket afmetingen niet gegeven. Wel werden de handgemeten pocket dieptes vergeleken met de dieptes die de scan weergaf, om te kijken of deze met elkaar overeenkwamen.

Accurate weergave
De gegeven afmetingen volgens de CBCT scan bleken significant overeen te komen met de handgemeten afmetingen. Dit betekent dat de scan dus in staat is om een accurate weergave van de pockets te maken. Wel waarschuwen de auteurs dat dit slechtst een eerste stap in dit onderzoek is, en dat er nog meer studies moeten plaatsvinden om deze resultaten te valideren. Daarnaast bevatte de modellen geen speeksel, wat de resultaten zou kunnen beïnvloeden.

Bron:
Dental Materials
DrBicuspid

 

Lees meer over: Röntgen | Digitale tandheelkunde, Thema A-Z